Like ons!
Gespot op Strava: De cijfers achter de weergaloze Vuelta a Espana van Pogacar

IDL-producties

Gespot op Strava: De cijfers achter de weergaloze Vuelta a Espana van Pogacar

Renners zijn niet altijd even open over hun prestaties, wattages en gegevens, maar Strava biedt bij veel mannen en vrouwen toch uitkomst. Wie reed er records aan puin tijdens trainingen en hoe presteerden de renners in wedstrijden? In de Leiderstrui kijkt in 'Gespot op Strava' wekelijks naar de cijfers achter de prestatie. Deze week: De Vuelta a Espana van Tadej Pogacar.

Nog even samenvatten: Tadej Pogacar is geboren op 21 september 1998 en dus 20 jaar oud. Toen Lance Armstrong in 1999 zijn eerste Tour de France won, was Pogacar dus tien maanden. Dit seizoen maakte hij zijn debuut voor UAE Team Emirates. Hij mocht snuffelen in Australië in januari en werd lastminute opgeroepen voor de Ronde van de Algarve in februari. Pogacar won een rit en het eindklassement.

Lucky shot, dachten we. Maar Pogacar bevestigde doodleuk zijn talent met plek zes in de Ronde van het Baskenland. En een maand later won hij de Ronde van Californië, met opnieuw een ritzege. En in juni werd hij Sloveens kampioen tijdrijden. Dat kon toch helemaal niet? Oké, in de Vuelta a Espana zou hij zijn grenzen wel leren kennen... Drie weken later stond de Sloveen op het podium in Madrid, met drie ritzeges op zak. Onze mond hangt nog steeds open.

Pogacar wint doodleuk in chaos op Andorra

We zagen al dat Pogacar in orde was in de eerste week, en dat na een crash in de ploegentijdrit. Drie weken lang was vooral de vraag hoe lang hij dit niveau ging vasthouden? Helemaal toen Pogacar in etappe zeven begon aan te vallen. Hij won er slechts twee seconden mee, maar de eerste waarschuwing was gegeven. Richting de finish naar Ares del Maestrat knalde hij er een indrukwekkende KOM uit op de Alto de Ares. 5,88 kilometer reed hij in 12.44 minuten naar boven. Gemiddeld trapte hij daar 365 watt weg, met een piek van 1.008 watt bij zijn demarrage. 

De waarschuwing werd gevolgd door een waanzinnig knappe ritzege in de chaotisch verlopen negende etappe. Het was op Andorra hondenweer, de beelden vielen zelfs even weg, concurrenten gingen tegen de grond, maar Pogacar fietste solo keihard door. Op de onregelmatige slotklim, op Strava 'Cortals d´Encamp por pista les Pardines' genoemd, sloeg hij zijn slag. Pogacar reed 9,81 kilometer aan 332 watt gemiddeld, met een piek van 783 watt. Hij reed er 46 seconden harder dan Alejandro Valverde, met een dikke KOM tot gevolg.


KOM én ritwinst voor Pogacar in etappe 9 van de Vuelta.

Pogacar levert vermogen in tijdrit en waaieretappe

Na de eerste rustdag legde Primoz Roglic de Vuelta in de plooi in de tijdrit. Maar wat misschien toen helemaal niet zo opviel, is dat Pogacar op plek elf het dichtst in de buurt bleef van zijn landgenoot. Het lichtgewicht van 66 kilo kan klimmen, maar bewees hier ook over een motor te beschikken. Van de KOM's op zijn naam in deze rit trekken we ons niet zoveel aan. We weten allemaal dat Roglic eigenlijk sneller was.

Interessanter is dat Pogacar met een betere indeling misschien wel nog dichter had gezeten. Het openings-segment van vijftien kilometer ramde hij in twintig minuutjes door. Hij was er negen seconden sneller dan Remi Cavagna, die uiteindelijk derde werd. Pogacar was aan de meet een dikke minuut langzamer dan diezelfde Cavagna en werd dus elfde. Er moest duidelijk een tandje vanaf, en daar heeft hij ongetwijfeld van geleerd.

Want dat hij vermogen heeft, bewees hij wel in de epische zeventiende etappe. In een waaierrit van 220 kilometer bleef Pogacar bij de toppers, in zijn eerste ervaring met de wind. Veel nieuwe lichtgewichten hadden een kwartier verloren, Pogacar niet. Hij bewees daar, net als Egan Bernal in Parijs-Nice van 2019, dat hij alles kan. 49,4 kilometer per uur gemiddeld over zo'n afstand, dat is voor zo'n broekie nog net even wat knapper, diep in de derde week.


Pogacar in de waaieretappe. Ongekende cijfers.

Pogacar verzwakt even, maar haalt nog twee keer uit

Een paar keer toonde Pogacar wat verval bergop, maar breken deed hij nooit. Sterker nog; na een minder moment sloeg hij altijd harder terug. In de tweede week won hij doodleuk nog een rit en deze was nóg indrukwekkender. Samen met landgenoot Roglic ging hij er vandoor op Los Machucos en de concurrentie werd aan flarden gereden. En die concurrentie was gewoon prima in orde, getuige het feit dat Alejandro Valverde de tweede Strava-tijd ooit noteerde op de loeisteile klim. En dan nog was Pogacar 28 (!) seconden sneller.

Er stond gewoon geen maat op de beste man, die met Roglic in zijn wiel naar zijn tweede ritwinst stampte. Maar hier besefte de wielerwereld ook voor het eerst dat die gekke Sloveen het weleens kon gaan volhouden. Hij verzwakte niet, hij leek alleen maar beter te worden. De klim van 8,23 kilometer aan acht procent gemiddeld werd door Pogacar verorberd in krap 24 minuutjes. Hij noteerde gemiddeld 393 watt. Dat is met zijn eerder genoemde 66 kilo bijna 6 watt per kilogram. Zulke gemiddeldes zijn vaak alleen gekoppeld aan recordtijden en mooie prestaties. Zo ook nu. Op de steilste stroken gingen zijn wattages geregeld dik over de 400. Daar breken wij als wielertoeristen onze benen op.

En dan moest één van de mooiste sportprestatie van 2019 nog komen. Pogacar ging de twintigste etappe in als nummer vijf en speelde all-in in de laatste bergrit. Hij vertrok op een krappe veertig kilometer van het einde en leverde daar een buitengewone prestatie. Op de Pena Negra reed hij anderhalve minuut weg van de favorieten en die voorsprong gaf hij in de dertig kilometer daarna niet meer weg. Selecteren we in Strava die laatste 35 kilometer vanaf de voet van de klim, dan zien we een gemiddelde van 34,7 kilometer per uur in de loodzware finale. Daarvoor trapte Pogacar 322 watt weg. Maximaal reed hij hij 73,8 kilometer per uur en 855 watt. Een derde ritzege, de witte trui en een derde plaats in Madrid waren meer dan verdiend. 


Pogacar zijn lange aanval in de laatste bergrit. Fenomenaal!

Pogacar uitzondering op de regel

Derde worden in je allereerste grote ronde, dan ben je geen gewone. Dat blijkt wel uit de statistieken. Zelfs wonderkind Egan Bernal had één Tour de France als knecht nodig om te weten wat het is om drie weken voor de leiderstrui te strijden. Pogacar kan zich cijfertechnisch zeker meten met zijn Colombiaanse generatiegenoot. Ze wonnen in hun debuutseizoen in de WorldTour allebei meteen koersen van een week. Maar we zeggen het nog één keer: Pogacar won drie ritten, het wit en de derde plek bij zijn debuut in een grote ronde. Daar slaagden zelfs de allergrootsten in de wielerwereld niet in. (foto: Sirotti)

Voor meer Gespot op Strava, klik hier.

Bram van der Ploeg (Twitter: @BvdPloegg | e-mail: redactie@indeleiderstrui.nl

0 reacties

Schrijf een reactie

Om een reactie te kunnen schrijven dien je ingelogd te zijn. Login/Registreer je hier direct!
Naar boven