Column: Laat De Gendt met rust en voorkom overbelasting bij jonge renners IDL-producties

Column: Laat De Gendt met rust en voorkom overbelasting bij jonge renners

Door Ward Hilhorst 10 oktober 2019 | 08:06


Afgelopen week vertelde Thomas De Gendt dat hij ieder jaar dispensatie aan moet vragen om meer dan 85 koersdagen te maken. De Belg komt ieder seizoen op of boven die grens uit, maar de procedure is dat er formeel aangevraagd moet worden of hij alsjeblieft een paar extra wedstrijden mag rijden. Irritant voor deze De Gendt, maar nuttig voor minder belastbare renners die door hun ploeg worden overschat.

Daar zit hem ook direct het probleem. Renners tegen zichzelf en tegen hun ploegen in bescherming nemen is op zich een goed idee, maar een grens van 85 koersdagen lijkt mij enigszins uit de lucht gegrepen en niet heel veelzeggend. Renners zijn niet allemaal hetzelfde, en koersdagen zijn al helemaal niet allemaal hetzelfde.

Allereerst over de belastbaarheid van de renners. De Gendt is een vrijwel onvermoeibare machine. Hij heeft dit jaar alle drie de grote rondes gereden en dat heeft hij zeker niet anoniem gedaan. In die drie rondes reed hij tweemaal top tien. In de Giro én de Tour werd hij derde in een individuele tijdrit. Daarnaast schreef hij in de Tour ook nog op schitterende wijze een etappe op zijn naam.

Verschil in belastbaarheid en soort koersdag

Wat hij kan, zullen veel andere renners nooit kunnen. Sommige renners zijn nou eenmaal niet zo weerbaar als een De Gendt. Twee van zijn landgenoten bijvoorbeeld zijn door hun geringe leeftijd nog niet opgewassen tegen dat geweld. Remco Evenepoel reed dit jaar 58 koersdagen en is kapot. Zo zegt hij nu. De talentvolle Jasper Philipsen reed 65 koersdagen en ook dat viel hem, met zijn 21 jaar, wat zwaar.

Kortom, de belastbaarheid van renners is niet echt te vergelijken. Dan is er ook nog het verschil in het soort koersdagen. Er is nogal een verschil tussen een dag anoniem in het peloton in de Ronde van Turkije en een Monument. Een dag in de grupetto in de Tour is zwaar, maar niet zo zwaar als strijden voor het podium. 

Wat als een ploeg niet geeft om een renner zijn gezondheid?

Er is natuurlijk de mogelijkheid dat ploegen het belang van de ploeg boven dat van de renner scharen, wat de renner op overbelasting komt te staan. Een van de weinige speerpunten van de kleine ploeg Wanty-Gobert, Guillaume Martin, heeft dit jaar, op 25-jarige leeftijd, 85 koersdagen gemaakt. De vorige jaren zat de filosoof van het wielerpeloton ook al ruim boven de 70. Ik zeg niet dat ze bij Wanty onvoorzichtig met hun renners omspringen, maar het zou kunnen. Om die reden moet er dus wel een manier zijn voor de UCI om de renners te beschermen.

Naar mijn mening moet dat niet met een getalletje in een regeltje. De UCI heeft al te veel regels, en kan wel wat tijd gebruiken om de koers veiliger te maken. Daarnaast is 85 dagen fietsen voor de een nou eenmaal veel en de ander weinig. Om die reden is mijn voorstel als volgt: de regel gaat het raam uit. Raakt een renner echter overbelast en is het aantal wedstrijddagen aan te wijzen als oorzaak, dan is de ploeg verantwoordelijk. Áltijd. Er wordt een hap genomen uit de UCI-punten van die ploeg, en ze krijgen een fikse boete op de mat. Zo voorkomen we dat ploegen hun renners niet serieus nemen en besparen we De Gendt, Luis León Sánchez en andere onvermoeibare strijders die overbodige moeite.

Ward Hilhorst


Tags:

Reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst, wees de eerste!

Reageren

Om een reactie te kunnen schrijven dien je ingelogd te zijn. Login/Registreer je hier direct!

Meer nieuws