Column: Vijf redenen waarom Tour de France 2020 een epische race wordt IDL-producties

Column: Vijf redenen waarom Tour de France 2020 een epische race wordt

Door Bram van der Ploeg 09 juli 2020 | 20:45


Ik heb als liefhebber van de Giro d'Italia wel even moeten slikken bij het zien van de nieuwe wielerkalender. Alle ballen bij de UCI gaan op de Tour de France en het WK, de rest moet het doen met een rol in de schaduw. Maar als ik mijn persoonlijke voorkeuren overboord zet en écht kijk naar wat er vanaf 29 augustus staat te gebeuren, kan ik inmiddels niet anders dan laaiend enthousiast worden van wat komen gaat.

De Tour de France is al tientallen jaren de grootste. Het is dé koers waarom jongetjes vandaag de dag nog wielrenner willen worden, er wordt veruit het meeste geld verdeeld en verdiend en de chaos van de wielersport komt in drie weken Tour het best tot uiting. Maar dat geld, die status en die chauvinistische Fransen kunnen mij voor nu aan mijn reet roesten. Ik kijk om vijf heel andere redenen meer dan ooit uit naar de Tour.

1. Renners staan te trappelen

Stop een jonge hond van twee jaar van de ene op de andere dag voor vijf maanden in een bench en kijk vervolgens goed wat er gaat gebeuren als je het deurtje in september weer open zet. De vergelijking met een kudde springende koeien in het voorjaar is treffend, maar dit gaat verder dan dat. Wielrenners zijn het gewend om negen á tien maanden van het jaar te koersen. Vijf maanden zonder race is voor hen als GTST; er komt geen einde aan.

De eerste adrenalinestoten kunnen er in augustus al worden uit gegooid, maar reken maar dat er tientallen renners met een trillend ooglid en een stuiptrekkende mondhoek aan de start staan in Nice. Je kunt nog zo vaak tegen een renner zeggen dat hij zijn krachten moet verdelen en voorzichtig moet zijn, maar als een man en vrouw elkaar na drie jaar voor het eerst weer zien, gaan ze niet eerst twee weken stofzuigen en op de bank zitten wachten. Het peloton gaat los, meer dan ooit, harder dan ooit.

2. Het halve peloton zonder contract


Aru kondigde al aan voor 'show' te willen zorgen in de Tour. Zijn contract loopt af... 

Een belangrijke reden voor mijn overtuiging bij punt 1 is dat het halve peloton dat aan de start staat in de Tour de France na dit seizoen zonder contract is. Sommigen van hen doen dat bewust. Maximilian Schachmann van BORA-hansgrohe liet bijvoorbeeld al weten dat hij de Tour eerst wil afwachten, voordat hij in gesprek gaat. Anderen wachten nerveus tot hun ploeg zich meldt, of anders een andere ploeg.

De Tour de France is hét podium om je toekomst te verzekeren. Wie een rit wint in de Tour, wie acht etappes mee zit in de vlucht, wie meedoet om de bollentrui of wie in de sprint de grote kleppers verrast, zit gebakken voor 2021. De echt grote mannen zijn wel verzekerd van een salarisstrookje na dit seizoen, maar er zijn er ook zoveel bij wie de grinta uit de oren zal spuiten als de kans zich voordoet. Pierre Latour, Rafal Majka, Fabio Aru, Jasper Stuyven, Michael Valgren, Sep Vanmarcke... Die kijken stuk voor stuk niet achterom als ze een meter te pakken hebben. De Tour is meer dan ooit dé plek om alles wat je in je hebt eruit te pompen. 

3. Het sterkste deelnemersveld ooit

Alsof dat nog niet genoeg is. Naast de mannen met grinta en rusteloze benen trekt ook ongeveer iedere grote naam voor het klassement richting Frankrijk. We kunnen nu al wel spreken van het beste deelnemersveld ooit. Dat zal enerzijds net als ieder seizoen te maken hebben met dat de Tour de France de grootste wedstrijd is, maar je neemt als klassementsrenner ook best een risico door de Tour over te slaan. Als het coronavirus tijdens of na de Tour weer oplaait, zit je als bijvoorbeeld Vincenzo Nibali of Jakob Fuglsang thuis met je goede benen en Giro-ambities.

Alle ploegen mikken, buiten Team Sunweb, vól op een klassement in de Tour en daarbij wordt alles uit de kast gehaald. Er is al meer dan genoeg gezegd en geschreven over de bizar sterke selecties van Team INEOS en Team Jumbo-Visma, maar ook Astana, Mitchelton-Scott, EF Pro Cycling en al die anderen kunnen rekenen op de top van de top. Er is maar plek voor vijf renners in de top-vijf, maar er zijn zeker dertig kandidaten die op papier meedoen om die posities. Nog maar eens een reden voor een flinke portie grinta. Wie in deze Tour voorzichtig gaat doen, wandelt rechtstreeks richting de hoek waar de klappen zullen vallen. 

4. De onontkoombare chaos binnen een ploeg


Bernal en Thomas in 2019, in 2020 zet INEOS er doodleuk ook Froome bij.

Dertig renners voor de top-vijf is veel, helemaal als je bedenkt dat van die dertig er ook zeker vijftien rondrijden die louter mikken op het geel. En meer dan ooit verzamelen al die grote klassementsrenners zich binnen enkele ploegen. INEOS en Jumbo-Visma spannen de kroon en gaan allebei met drie kopmannen richting Frankrijk. Kopmannen die alle drie een grote ronde hebben gewonnen of in het geval van Steven Kruijswijk in staat zijn om dat te doen. Zes renners met brandende ambitie, verdeeld over slechts twee teams.

Maar dat is niet alles. Mitchelton-Scott gaat met Esteban Chaves en Adam Yates, Trek-Segafredo met Bauke Mollema en Richie Porte, AG2R met Romain Bardet en Pierre Latour, UAE Team Emirates met Aru en Tadej Pogacar... Iedereen kan nog zo lief stellen dat bovenal de ploeg de Tour moet winnen, maar tel punt 1, 2 en 3 bij elkaar op en tel uit je winst. Movistar was de afgelopen jaren de ploeg als het ging om chaos binnen het team. We wrijven onszelf nu alvast in de handen bij het zien van al die potentiële chaos, als al die kopmannen straks (héél verrassend) ineens niet zo happig zijn om voor een ander te rijden. 

5. Klimmen, klimmen, klimmen

Als klap op de vuurpijl wordt de tikkende tijdbom die 'het peloton' heet in 2020 geleid over een parcours dat amper een stukje recht vooruit over vlakke wegen gaat. Vanaf dag één liggen er verraderlijke klimmetjes te wachten en dat gaat eigenlijk constant door tot aan etappe 20. Geen tijdritten, maar bijna iedere dag hoogtemeters happen. In de enige individuele tijdrit van de Tour finishen we op La Planche des Belles Filles. Wie zijn beste klimbenen heeft ingepakt, staat straks op het hoogste schavot in Parijs.

Alsof het zo heeft moeten zijn krijgt het peloton, juist in een jaar waarin echt iedereen de ballen uit zijn broek rijdt, te maken met een parcours waar bijna iedere dag wel ruimte is voor een tactische meesterzet. Prima dat er ploegen zijn die willen controleren en wachten, maar met al die mannen met eigenbelangen zal een goede berg meteen worden aangegrepen om de benen te laten knallen. Gelukkig sluit het Tourparcours in dat opzicht volledig aan bij een in potentie onvergetelijke Tour de France. (foto: Sirotti, 2019)

Bram van der Ploeg (Twitter: @BvdPloegg | e-mail: redactie@indeleiderstrui.nl


Tags:

Reacties

Er zijn nog geen reacties geplaatst, wees de eerste!

Reageer


Meer nieuws