Like ons!

Tour de France

Reportage: Wielrennen is voor strijders, voor totale zotten, een sport om van te houden

Nederlanders zijn als het over wielrennen gaat vaak niet geïnteresseerd. Doping, urenlange etappes, het is domweg niet geliefd. De passie, het heilige vuur, het is er zelden. Uiteraard zijn de redenen logisch: ja, de sport heeft een imagoprobleem, met name door de spuitjes, pilletjes en pufjes. Je zou bijna van de koers weggaan. Het medicijn tegen dit cynisme: ga naar de koers toe!

Afgelopen weekend was ik in Frankrijk bij de Tour, Noord-Frankrijk, om preciezer te zijn. Zaterdag heb ik een heerlijk stuk over kasseien gefietst. De campers stonden al klaar voor de zondagrit, inclusief zotte Vlamingen. Fantastisch, je voelt je zowat een wielerheld als ze Allez Allez naar je roepen!

Uiteraard bolt het voor geen meter: die Franse stenen. Toch is het geweldig om over stroken als Mons-en-Pévèle te rijden, kasseien hebben iets magisch. Tijdens de pauze van ons ritje zagen we Juan Antonio Flecha, als Eurosport-verslaggever, proberen die magie uit te leggen. Enthousiasme tot en met, zelfs als hij een verspreking maakte of als een luide auto de opname verstoorde. Wat ik me nooit realiseerde: Flecha reist dus een dag voor de Tour aan. Weer wat geleerd!

Lees verder onder de foto!

's Avonds bij het restaurant in Cysoing, aan het parcours van rit negen, was er een bont gezelschap wielerliefhebbers bij elkaar: Britten, Nederlanders en Vlamingen. Onder de Vlamingen was een bijzonder gezelschap: een oude man, zijn zoon, zo vermoed ik, en zijn kleinzoons. De jongetjes, een jaar of tien, waren keurig op racefietsjes in hun wielerpakjes, terwijl opa er op een elektrische fiets achteraan reed. Fietsen verbindt en is niet aan leeftijd verbonden.

Zondag was dan natuurlijk het hoogtepunt: we stonden op Camphin-en-Pévèle, de voorlaatste kasseienstrook van de monsterlijke kasseienrit. De voertaal was Vlaams, hoewel er soms ook wel een harde-g klonk. Er zijn dus tóch landgenoten die van koers houden.

Lees verder onder de foto!

Aan het parcours staan is iets magisch: we waren er al rond een uur of elf 's morgens, en als je dan eenmaal je plekje gevonden hebt, begint het grote wachten. Toch is het nooit saai. In de middag gaan de radiootjes, op telefoon, aan: exit Porte, lekke band Bardet, aanval Dumoulin, en uiteindelijk heb je geen idee wie er als eerste voor je neus langsrijdt.

Ondertussen is er koersgezelligheid: de voorspellingen worden uitgewisseld, het bier vloeit rijkelijk en er komen steeds meer vlaggen langs het parcours: veel Vlaamse leeuwen, maar ook bijvoorbeeld een Colombiaanse driekleur. Dan komt eindelijk de helikopter in zicht, en nadert de dag haar climax.

Lees verder onder de foto!

Steeds meer motoren, steeds meer auto’s rijden over de strook. Het is stoffig, zeer stoffig, maar dan komen de helden, de gladiatoren. We hadden Jasper Stuyven als eerst verwacht, maar daar klopte niks van: John Degenkolb, Yves Lampaert en Greg van Avermaet denderen als eersten over de keien.

Daarna volgt de rest: grotere en kleinere groepen, zelfs eenlingen passeren. De mannen hebben getekende gezichten; het is een ware veldslag. Wielrennen is een sport voor strijders, voor mensen die niet opgeven, voor totale zotten, een sport om van te houden.

Lees verder onder de foto!

Die liefde proef je bij veel Vlamingen als het over koersen gaat. Toen Tom Dumoulin gepasseerd was in het favorietengroepje, zei ik dat het mooier was geweest als hij tijd gepakt had, winnen wordt nu misschien wel moeilijk. De Vlaming naast me hoorde het en zei: 'De Giro kan hij wel winnen, maar de Tour niet. De Giro is nen kermiskoerske. D'n Merckx zegt het ook.'

Ik zeg niks terug. Merckx is heilig in Vlaanderen, en afgelopen zondag dus ook op Camphin-en-Pévèle. (Foto's: Jasper den Boon / In de Leiderstrui)

Jasper den Boon (Twitter: @jasperdenboon,  Mail: jasper@indeleiderstrui.nl)

0 reacties

Schrijf een reactie

Om een reactie te kunnen schrijven dien je ingelogd te zijn. Login/Registreer je hier direct!
Naar boven