Vijf jaar geleden is het alweer: de allermooiste editie van Tirreno-Adriatico, voorgeschoteld door Tadej Pogacar,
Mathieu van der Poel,
Wout van Aert en Julian Alaphilippe. Van dat viertal zijn er drie in 2026 weer bij, maar of we net zo'n spektakel als in 2021 mogen verwachten? Hopen mag, ervan uitgaan zouden we maar beter niet doen.
Anno 2021 zaten we nog midden in de corona-maatregelen. Gooide dat virus het seizoen in 2020 nog compleet op zijn kop, waren er ook in de wintermaanden van 2021 nog allerlei twijfels over hoe lang het seizoen kon volhouden.
Uiteindelijk sneuvelde alleen Parijs-Roubaix - dat werd verplaatst naar oktober - van de grote koersen, maar het zorgde er wel voor dat de voorbereidingswedstrijden al werden gereden met het mes tussen de tanden.
Zo ook Tirreno-Adriatico, dat een star field aan de start wist. Met Van der Poel was de winnaar van Strade Bianche present, Tadej Pogacar kwam als verrassende Tourwinnaar van 2020 op de proppen, Wout van Aert gold toen al als alleskunner en Julian Alaphilippe deed mee in zijn regenboogtrui.
Nog op de startlijst? Peter Sagan, Simon Yates, Greg Van Avermaet, Jakob Fuglsang, Mikel Landa, Elia Viviani, Egan Bernal, Geraint Thomas, Michal Kwiatkowski, Thibaut Pinot, Nairo Quintana, Romain Bardet, Niki Terpstra, Caleb Ewan, Vincenzo Nibali, Fernando Gaviria en Nairo Quitnana: stuk voor stuk toppers. Parijs-Nice, met Max Schachmann, Aleksandr Vlasov en Ion Izagirre op het eindpodium, legde het dat jaar afgetekend af. Al won Primoz Roglic er destijds wel drie etappes.
Etappe 1: Van Aert zet direct de toon
Gaat Tirreno-Adriatico anno 2026 van start met een tijdrit in Lido di Camiore en sluiten ze af met een etappe voor spurters in San Benedetto del Tronto, in 2021 was dat nog andersom. 'Het is een mooie voorbereiding op de klassiekers om hier een week echt keihard te koersen', liet Van Aert, die al aangaf voor een klassement te willen gaan, ontvallen voor de start van de koers.
En zo geschiedde, al op dag één. Daarin werd er vooral gekeken naar renners als Ewan, Gaviria, Viviani, Sagan en ook Tim Merlier: toen al de snelste mannen van het peloton. Maar het was toch echt Van Aert die in een pure massasprint direct de leiding in de rittenkoers naar zich toetrok.
Etappe 2: eerste keer clash tussen groten
Op dag twee koos de RCS in 2021 voor een soortgelijke etappe als dat we in 2026 op dinsdag zullen krijgen, met als toevoeging dat er ditmaal ook gravel in is gestoken. Destijds kwamen we aan in Chiusdino, waar de laatste kilometers licht bergop gingen.
Joao Almeida reed daar voorop, maar alsnog was het zijn eigen ploegmaat Alaphilippe die hem in de laatste meters van de rit overvleugelde. Van der Poel - die van ver kwam opzetten - en Van Aert strandden in het wiel van de wereldkampioen, net als Pogacar.
Etappe 3: Van der Poel scoort
In de derde rit kregen de renners een soortgelijke etappe over de kiezen: meer dan 200 kilometer lang en met een venijnig einde, ditmaal in Gualdo Tadino. Typisch Tirreno-Adriatico, zo zien we ook in 2026.
Ditmaal was het Zdenek Stybar die namens Quick Step druk zette met een late uitval, waar Van Aert op reageerde. Van der Poel zat in zijn Nederlandse kampioenentrui in het spoor en knalde uit het wiel van zijn Belgische rivaal, op weg naar zijn eerste ritzege.
Etappe 4: Van Aert de klimmer?
De vierde rit van Tirreno-Adriatico 2021 was er een met aankomst op Prati di Tivo: een heuse bergrit, dus. Van der Poel sprak uit niet voor een klassement te gaan en liet de strijd dus over aan de klassementsrenners, inclusief Van Aert.
Die startte nog altijd in de blauwe leiderstrui en ging op Tom Dumoulin-style de slotlim in: eigen tempo rijden en dan zien hoe ver je komt. Dat bleek héél ver te zijn, maar net niet genoeg. In de laatste kilometers bleken de echte klimmers, onder leiding van Pogacar en Yates, toch te sterk voor de uiteindelijk negen wordende Van Aert.
Etappe 5: één van mooiste wedstrijden van laatste decennium
Op dag vijf van Tirreno-Adriatico z
agen we een etappe die wielervolgers zich nog wel zullen herinneren. Decor van het schouwspel was Castelfidardo, dat dat jaar de welbekende muurtjesrit van Tirreno-Adriatico mocht huisvesten.
Het was relatief koud die dag en dat betekende dat Van der Poel op intuïtie dan maar de aanval koos, op een heel stuk van het einde. Ook Van Aert en Pogacar werden getriggerd door de aanvalslust van de Nederlander, die in de afdaling een tandje bijstak en uiteindelijk drie minuten voorsprong vergaarde in zijn eentje.
In de achtergrond knalde het op de steile puisten nog eens helemaal uiteen onder leiding van Pogacar, die alles en iedereen loste en zowaar Van der Poel nog in zicht kreeg. De Nederlander haalde het uiteindelijk met twaalf tellen, maar kwam compleet -
en dan ook écht compleet - kapot over de meet. 'Het was
survival of the fittest', concludeerden alle aanwezigen.
Etappe 6: besef daalt al in
De zesde dag was op papier weer zo'n rit die alle kanten uit kon en dus gingen de TV-kijkers er op 15 maart 2021 opnieuw voor zitten, maar ditmaal draaide het totaal anders uit. Jumbo-Visma en Alpecin-Fenix lieten de vlucht rijden en dus was het uiteindelijk Mads Würtz Schmidt die er met de zege vandoor ging.
'Elke dag voluit gaan is te zwaar', concludeerde Van Aert op dat moment al. 'Het was niet simpel om te controleren, en ik was zelf ook vermoeid. Deze Tirreno-Adriatico is al zwaar geweest', liet de Belg na afloop verstaan.
Etappe 7: Van Aert eindigt waar hij begon
Anno 2021 eindigde Tirreno-Adriatico dus met een tijdrit in plaats van dat hij ermee begon, maar ook toen deed Filippo Ganna al mee. De Italiaan ging als topfavoriet van start, maar werd geklopt door... Van Aert! De Belg stelde daarmee tevens zijn tweede plek in het eindklassement van dat jaar, achter Pogacar, vast.
Van der Poel deed het daar al relatief rustig aan na zijn eerdere inspanningen van Tirreno-Adriatico eerder die week en eindigde op plaats 67.
Wat daarna?
Het voorjaar van 2021 kende wat andere winnaars dan op voorhand verwacht werd. Jasper Stuyven won Milaan-Sanremo na een late uitval, voor Ewan, Van Aert, Sagan en Van der Poel. In Vlaanderen won Kasper Asgreen de E3 Saxo Classic solo en Ronde van Vlaanderen na een sprint tegen Van der Poel, terwijl Dwars door Vlaanderen voor Dylan van Baarle was en Van Aert raak schoot in Gent Wevelgem.
Asgreen was dus de man van het voorjaar, maar ook hij reed wel degelijk in Tirreno-Adriatico dat jaar? Zijn uitslagen? 145, 34 123, 104, 57, 84 en 8.
Van der Poel, Van Aert en Alaphilippe waren zich na afloop van het voorjaar bewust van de roofbouw die Tirreno op hun lichaam had gepleegd. 'Dat was een fout die ik niet opnieuw zal maken. Ik heb mijn les geleerd', stelde de Nederlander, die die lessen in de voorbereidingskoersen die hij de jaren nadien deed inderdaad in praktijk bracht.
Wat mogen we van Tirreno-Adriatico dit jaar verwachten?
Van der Poel probeerde het in 2022 en 2024 zónder Tirreno-Adriatico, maar besefte in de jaren daartussen dat hij die koers wel degelijk nodig had. En dat bleek inderdaad zo: zowel in 2023 als 2025 won hij Milaan-Sanremo na een Tirreno-Adriatico zonder dagsucces te hebben gehad. Ook dit jaar zal hij de koers vooral gebruiken om een extra laagje bovenop de basis die er al is te kweken.
Van Aert werkte de Koers tussen de Twee Zeeën enkel nog in 2023 - vrij anoniem - af, waar hij toen wel een goede basis legde voor een klassiek voorjaar waarin hij in alle klassiekers bij de beste vier eindigde. Dit seizoen hopen ze bij zijn ploeg
Visma | Lease a Bike erop dat de Belg enkele malen diep kan gaan en daarmee terug naar zijn topvorm richting april kan werken.