Naast heel veel andere sporten, zien we ook in het wielrennen dat er steeds jongere talenten doorbreken. Teams spelen daarop in door ook steeds vroeger jonge renners te scouten en vast te leggen. Maar hoe zorg je ervoor dat die talenten slagen? John Wakefield,
Director of Coaching bij
Red Bull-BORA-hansgrohe, legt dat in gesprek met
Daniel Benson keurig uit.
Namens de Oostenrijks-Duitse ploeg houdt de Zuid-Afrikaanse ploegleider zich bezig met het opsporen en begeleiden van jonge talenten,
net als ook Roxanne Knetemann dat gaat doen. Red Bull-BORA-hansgrohe zette vorig jaar pas de Red Bull Rookies op, de U23-ploeg die de overstap naar de hoofdmacht minder groot moest maken.
Wakefield ziet in die Rookies-ploeg inmiddels een echt team staan, met niet enkel kopmannen. 'Wat we hebben gedaan, is proberen één of twee renners te selecteren vanuit een klassementsperspectief, dan drie potentiële kandidaten, en daar een team omheen bouwen. We willen ook wielerwedstrijden winnen en renners ontwikkelen die andere wedstrijden kunnen winnen of die zeer nuttige en belangrijke helpers kunnen worden.'
'Het gaat er dus niet alleen om dat onze focus ligt op klassementsrenners', vervolgt de Zuid-Afrikaan. 'Natuurlijk is het belangrijk, het is de Tour de France, maar we willen ook Parijs-Roubaix of een Monument winnen, en dat soort wedstrijden. Het is een overkoepelende ontwikkelingsstructuur.'
Lees verder onder de foto!
'Veel van die jongens zijn zo gefocust dat ze geen leven buiten het wielrennen hebben'
In zijn rol krijgt Wakefield te maken met piepjonge talenten, van soms zestien of zeventien jaar. Kan je op die leeftijd al zeggen of je de Tour gaat winnen? 'Het simpele antwoord is nee', klinkt het stellig. 'Maar je kunt wel zeggen: "Deze renner heeft de potentie qua fysiologie."'
Want zekerheid heb je op die leeftijd absoluut nog niet. 'Om met vertrouwen te zeggen dat je met een renner over vijf à tien jaar de Tour de France kunt winnen, is gewoon een verhaaltje verkopen. Dan ben je ook naïef, want krijgt diegene op zijn twintigste een vriendin en is zijn carrière dan voorbij? Dat gebeurt echt.'
Wakefield ziet namelijk dat de jeugd steeds meer voor de sport leeft, vanaf jongs af aan. 'Veel van die jongens zijn zo gefocust dat ze geen leven buiten het wielrennen hebben. Voor mij is dat een onevenwichtig leven, want als hun wielcarrière niet van de grond komt, wat moeten ze dan doen? Ze hebben niets anders gedaan dan fietsen sinds hun veertiende, en hun ouders of iemand anders hebben ze daartoe aangezet.'
Lees verder onder de foto!
Wakefield wijst Finn aan als voorbeeld: 'Zou makkelijk in WorldTour kunnen rijden'
Daar ligt dan ook juist het gevaar. 'Het kan zo hypergefocusd zijn, en je kunt een vriendin krijgen en erachter komen dat het leven niet zo slecht is als je in de kroeg of in een nachtclub bent, en vanuit dat perspectief is het een heel ander pad. Sommige jongens geven het op, en je moet altijd een balans vinden. Je neemt jongeren aan, maar dat is alles; het blijven kinderen, en je wilt dat ze kind blijven.'
En dus houdt de Zuid-Afrikaan juist dát nauwlettend in de gaten. 'Als hij op zijn zestiende of zeventiende al leeft als een professional, of daartoe wordt aangezet, dan is dat voor mij persoonlijk een waarschuwingssignaal. Dat is iets wat we niet aanmoedigen', klinkt het juist met oog voor alles naast wat er naast het wielrennen is.
Wakefield neemt
Lorenzo Finn als voorbeeld voor het voorkomen van een burn-out. 'Hij zou makkelijk al in de WorldTour kunnen rijden, maar we willen het niet overhaasten, en we hebben goede redenen voor zijn traject', klinkt het verklarend over de wereldkampioen bij de beloften van 2025.