Jurgen van den Broeck was jarenlang de Tourhoop van België. Hoewel hij in 2010 derde eindigde (na de diskwalificatie van Alberto Contador en Denis Menchov) kreeg hij nogal wat kritiek te verduren in de latere jaren van zijn carrière. De Kempenaar is nu zes maanden op pensioen, maar mist de koers naar eigen zeggen niet.
Spijt van zijn afscheid heeft
VDB allerminst. 'Neen, ik was op, fysiek én mentaal', zegt hij in een interview met
De Zondag. Ik wou geen jaar aanmodderen. Ik mis het ook niet. Ik blijf zelfs niet thuis als er koers op tv is. Ik heb prachtige jaren beleefd. Ik heb er alles uitgehaald. Neen, ik was geen winnaar en ik was ook niet het grootste talent. Ik moest keihard werken. Ik ben bij wijze van spreken twintig jaar van de wereld weg geweest. Dat was voor mij de enige manier om iets te bereiken.'
Zijn debuut maakte hij bij US Postal, in het team van Lance Armstrong. 'Maar ik heb daar nooit iets van gezien', waarmee de Belg doelt op het structurele dopinggebruik binnen de ploeg. Ik kan trouwens geen negatief woord zeggen over hen. Zij hebben mij onder hun vleugels genomen. Ik vind dat ook niet rechtvaardig dat alleen Armstrong geviseerd wordt. Zijn concurrenten deden net hetzelfde.'
Volgens Johan Bruyneel had Van den Broeck de Tour van 2011 zelfs kunnen winnen, ware het niet dat hij moest opgeven na een zware valpartij. 'Ik was de Vincent Kompany van de koers', doelt hij op zijn steeds terugkerende pech. 'In het wielrennen word je dan afgeschilderd als profiteur. Dat was zwaar, ook voor mijn ouders. Je wil je kind niet zo afgemaakt zien in het openbaar.'
Ook kreeg Van den Broeck veel kritiek te verduren, omdat hij volgens sommigen te weinig presteerde voor het loon dat hij kreeg. 'Ik moet mij toch niet schuldig voelen voor het loon dat Lotto mij aanbood?De ploeg wóu trouwens dat ik alles gaf voor de Tour. Men vergeet snel in het wielrennen. Ik heb Lotto destijds gered. In 2011 viel de ploeg uit elkaar, met het vertrek van Omega Pharma. Ik had een lucratieve aanbieding op zak van een topteam, maar ik ben Lotto trouw gebleven. De ploeg had mijn punten nodig om in de WorldTour te blijven. Jaren later word je afgemaakt. In het wielrennen is het elk voor zich.'