Greg LeMond staat bekend als iemand die nooit een blad voor de mond neemt en dat heeft de voormalig Tourwinnaar uit de Verenigde Staten opnieuw bewezen. In de
Roadman Podcast gaat LeMond in op de intrede van
doping in het peloton rond 1990, wat hem vermoedelijk ook zeges heeft gekost.
LeMond won de Tour de France in 1986, 1989 en 1990, maar stopte in 1994 uiteindelijk nadat hij er al enkele jaren niet meer aan te pas kwam. Volgens de man uit Californië houdt dit direct verband met de intrede van EPO in het profpeloton in die jaren, waardoor er beduidend sneller werd gereden door renners die hij eerst nog de baas was.
De Amerikaan noemt de Italiaan Claudio Chiappucci als voorbeeld. 'Ik reed sinds 1986 met Chiappucci. Hij was een knecht. I'm sorry, maar hij was niet zo’n goede renner. Maar ik herinner me hoe hij in 1992 wegreed in de etappe Sestriere. Ik had de Tour drie keer gewonnen, maar ik was zo'n beetje de laatste renner in die rit. Ik kwam een uur na hem binnen.'
LeMond voelde daar direct de gevolgen van. 'Mijn ploeg: we zullen je salaris moeten verlagen. Maar ik zei dit gebeurt echt in de ploegen, ze nemen EPO, ze nemen testosteron. Of jullie houden je afzijdig en laten ons koersen en er verandert niets aan het salaris, of jullie leveren dezelfde dokter. Niet dat ik
doping wilde gebruiken, maar we konden toch niet gestraft worden voor het niet gebruiken van doping.'
Lees verder onder de foto!
LeMond vertrok bij PDM omwille van doping
Toen LeMond in 1988 - toen hij hersteld was van een jachtongeluk dat hem lange tijd aan de kant hield - bij het Nederlandse PDM koerste, ondervond hij voor een eerste maal dat
doping zijn weg naar he wielrennen had gevonden. 'Toen ik bij PDM reed, besefte ik dat dat de eerste echt georganiseerd dopingploeg was. En ik ben om die reden vertrokken.'
LeMond noemt de in 1990 op 26-jarige leeftijd overleden Nederlander Johannes Draaijer, zijn voormalige ploeggenoot bij PDM, als voorbeeld van wat er mis was in die tijd. 'Zijn vrouw (net als LeMond een Amerikaanse, red.) belde midden in de nacht mijn vrouw omdat haar man was overleden. Zo verdrietig', weet LeMond nog.
In die jaren werd er verband gelegd tussen het experimenteren met dopinggebruik en de dood van Draaijer, maar dat is nooit bewezen. Ook Bert Oosterbosch en Connie Meijer overleden in die periode aan een hartstilstand.
De Amerikaan,
die Lance Armstrong als één van de eersten beschuldigde, legt de schuld bij de Italiaanse dokters Conconi en Ferrari. 'Ik geloof echt dat sommige renners geen idee hadden of ze iets toegediend kregen, omdat Conconi destijds voor het Olympisch Comité werkte om tests te doen naar hoe je EPO kon traceren. Maar hij gebruikte profrenners als proefkonijnen', klinkt het stellig.