De slotdag van het WK baanwielrennen kende het nodige spektakel met verschillende finales. Zo stonden onder meer de finales op de Sprint (mannen), Keirin (vrouwen) en de Puntenkoers (vrouwen) op het programma.
Lavreysen is Hoogland ook in de Sprint de baas
Het hoogtepunt van het WK voor de Nederlanders was de Sprint
bij de mannen, waar
Jeffrey Hoogland en
Harrie Lavreysen hun zoveelste onderlinge
strijd uitvochten. Eerder op het WK werden de twee al één (Lavreysen) en twee (Hoogland) op de Keirin. In de eerste heat begon Hoogland vanaf de koppositie. Hij gaf
deze uitgangspositie echter slordig uithanden, waardoor Lavreysen met een
slimme en snelle manoeuvre hem kon passeren. Hoogland kwam er vervolgens niet
meer aan te pas.
Lavreysen begon zodoende met een 1-0 voorsprong aan de
tweede en mogelijk beslissende heat. Hoogland deed gelijk een alles of niets
poging door vroeg aan te gaan, maar Lavreysen hield het hoofd koel en passeerde
zijn landgenoot ruimschoots voor de finish. Zo verdedigde de Nederlander zijn
wereldtitel, nadat hij eerder dit jaar al olympisch kampioen werd in Tokio.
Kopecky pakt goud op Puntenkoers, brons voor Wild
De eerste finale van de slotdag was de Puntenkoers bij de
vrouwen. Na een rustig begin was het de Amerikaanse Jennifer Valente die de
eerste sprint won. Kirsten Wild kwam als derde door en zat zo meteen goed in de
wedstrijd. Bij de derde sprint pakte ze vervolgens de volle buit, waardoor ze
steeg naar de voorlopig eerste plek. Kort daarna was het echter de Française
Marion Barros die flink uitpakte. Ze pakte namelijk een ronde op de rest van
het veld en werd daarvoor beloond met twintig punten.
De concurrentie gaf zich echter verre van gewonnen. Een groep
van acht vrouwen, waaronder Wild en Lotte Kopecky, pakten namelijk een ronde op
Barros. Wild kwam zodoende weer aan de leiding te staan, met Katie Archibald
als eerste achtervolgster. De twee vrouwen waren erg aan elkaar gewaagd in de
sprints, maar de Britse schuwde ook de aanval niet. Na een sprint trok ze door
met onder meer Kopecky. Wild had de slag gemist en kon bovendien op weinig
steun rekenen van anderen bij de achtervolging.
De samenwerking bij de groep van Archibald was goed en zo lukte het de Britse om een ronde
te pakken op Wild. Archibald nam de leiderspositie over en Kopecky steeg naar
de tweede plaats. Wild was intussen gedaald naar de vijfde plek. De Nederlandse
gaf zich echter niet gewonnen en koos de aanval. Archibald zag het gevaar en
probeerde solo de kloof te dichten. Dat lukte haar echter niet, waardoor Wild
weer meedeed om de podiumplekken. Ze had echter geen ronde gepakt op Kopecky,
die met een goed getimede aanval flink uitliep op Wild en Archibald om
vervolgens overtuigend de wereldtitel veilig te stellen! Wild werd uiteindelijk
derde achter de Belgische en Archibald.
Van Riessen en Braspennincx stranden in halve finale
Bij de Keirin een verrassende afwezige: Emma Hinze ging niet van start. De Duitse haakte last-minute af en kon zo haar titel niet verdedigen. Wie nog wel kans maken op die titel zijn Laurine van Riessen en Shanne Braspennincx, die zich kwalificeerden voor de tweede ronde.
De halve finale verliep tegenvallend voor olympisch kampioene Braspennincx. De Nederlandse kwam er niet aan te pas en eindigde als vierde, waardoor ze de finale misliep. In de tweede halve finale was het de beurt aan Van Riesen. Ook zij slaagde er niet in om de finale te bereiken en kwam als zesde over de finish.
Mørkøv verdedigt wereldtitel Koppelkoers
De Koppelkoers was helaas zonder de Nederlandse Europees
kampioenen Jan-Willem van Schip en Yoeri Havik. Zij voldeden volgens de UCI
niet aan de voorwaarden voor deelname. De verdedigend kampioen was het Deense
koppel Michael Mørkøv-Lasse Norman
Hansen. Andere kansrijke koppels waren Frankrijk (Benjamin Thomas-Morgan
Kneisky), Italië (Simone Consonni,-Michele Scartezzini), België (Kenny De
Ketele-Robbe Ghys) en Groot-Brittannië (Ethan Hayter-Oliver Wood).
Van
deze vijf landen waren het vooral Italië, Denemarken, België en Frankrijk die
er een spannende strijd van maakten. Waar België in het begin nog de lijst
aanvoerde, was het al snel Italië dat de leiding stevig in handen nam. Toch waren
de andere drie landen in de slotfase nog verre van kansloos. Zo nam Denemarken
na een reeks sterke sprints de leiding van Italië over.
Het
leek vervolgens tussen deze twee landen te gaan om de wereldtitel, maar ook Groot-Britannië
wilde zich er met een ultieme poging nog in mengen. Hayter verraste de
concurrentie volledig met een verschroeiende aanval. Uiteindelijk lukte het de
Britten om een ronde te pakken, maar het leverde ‘slechts’ de derde plek op,
omdat ook Italië en Denemarken een ronde pakten. De Denen begonnen vervolgens
met een voorsprong van twee punten op Italië aan de beslissende eindsprint,
daarin finishten de Denen voor de Italianen. Olympisch kampioenen Mørkøv en Lasse Norman Hansen
verdedigden zodoende hun titel succesvol.
Viviani eerste wereldkampioen afvalkoers
De afvalkoers was dit jaar voor het eerst onderdeel van het WK baanwielrennen. Elia Viviani wist tijdens deze discipline toe te slaan en mag zich de eerste wereldkampioen van de afvalkoers noemen. De Italiaanse spurtbom was een maatje te groot voor Iúri Leitào (Portugal) en ging er zodoende met de bloemen vandoor. Ook Sergei Rostovtsev mocht namens Rusland mee het podium op.
De vrouwen mochten zondagavond nog gaan vechten om de medailles op de Keirin. Het was de Duitse Lea Sophie Friedrich die tijdens dit onderdeel naar het goud wist te rijden. Het zilver belandde in handen van Mina Sato (Japan), het brons ging naar Yana Tyshchenko (Rusland).