Like ons!
IDL Retro | Bahamontes, De Adelaar van Toledo, en het ijsje op een Alpencol

IDL-producties

IDL Retro | Bahamontes, De Adelaar van Toledo, en het ijsje op een Alpencol

De laatste vrijdag van La Vuelta 2019 gaat van Avila naar Toledo. Het is een vrij vlakke rit en in niets doet het denken aan de langstlevende Tourwinnaar: Federico Bahamontes. De Spanjaard die altijd ‘slechts’ voor de bergprijs naar de Tour kwam en in 1959 pardoes de Tour won. Hij is ook hoofdonderwerp in een van de mooiste legendes uit de Tour: Het ijsje op de Galibier.

Bahamontes is al 26 als hij in 1954 zijn debuut maakt in de Ronde van Frankrijk. Pas op latere leeftijd ontdekte hij de fiets. In eerste instantie deed hij mee op een normale fiets aan een plaatselijke wedstrijd. Toen hij deze won was zijn lot bezegeld. Van het spaarzame geld dat hij verdiende op de markt moest er een koersfiets komen. In korte tijd maakte hij naam en faam in Spanje. Overal waar de weg omhoog liep, daar danste Bahamontes bij de andere renners vandaan. Genoeg reden voor de selectiecommissie om Bahamontes te selecteren voor de Tour van 1954.

Het ijsje op de Galibier

Tijdens zijn debuut in de 1954 baarde Bahamontes direct opzien. Als volledig onbekende in het internationale wielerpeloton wist hij direct de bergtrui te winnen. Dat niet alleen, hij dwong respect af bij de overige renners door steeds weer versnellend iedere renner in zijn wiel te breken op zijn weg naar de top. Op maar liefst twaalf cols kwam de Adelaar van Toledo als eerste boven. Waaronder de Col de Galibier.

De rijke historie van de Tour de France herbergt vele verhalen, anekdotes en legendes. De klimmerscapaciteiten van Bahamontes maken daar onderdeel vanuit. De bekendste is het verhaal over de Galibier tijdens het debuut van Bahamontes in 1954. Als complete nieuweling verraste hij dus vriend en vijand met zijn splijtende demarrages, zijn onophoudelijke versnellingen en overmacht in de bergen. Na de Pyreneeën doemden de Alpen voor het peloton op. 

Na de kennismaking met Bahamontes in de Pyreneeën was er geen renner die het in zijn hoofd haalde om Bahamontes nog te volgen als hij aanzette. Zo kwam de dag naar Aix les Bains, de dag dat de Galibier beklommen moest worden. De Adelaar van Toledo begon weer aan zijn ritmische dans richting de top, het peloton in vertwijfeling achterlatend. Op de top had Bahamontes minuten voorsprong. De legende wil dat hij daar een ijscoman aantrof. Hij bestelde een ijsje en at deze rustig op, terwijl hij op de rest wachtte. Na afloop zou hij hebben verklaard dat hij de renners voorbij wilde zien komen om te zien wie er op kop reed. 

De waarheid van het ijsje

De waarheid van het ijsje op de Galibier doet zoals gebruikelijk de schoonheid van het verhaal geen goed. Toch zit er een kern van waarheid in de legende. Bahamontes was inderdaad weer ver vooruit. Het was echter niet de Galibier, maar ‘een Alpencol’ zoals Bahamontes het zelf noemt in een interview met Humo, of de Col de Romeyère, waar de plaats van handeling was. Boven aangekomen op de col constateerde Bahamontes dat hij problemen had met zijn fiets. Ook hier verschillen de verhalen nogal over. De ene bron rept over spaakbreuk en de andere over een kapot versnellingsapparaat. Feit is dat Bahamontes een magistraal klimmer was, maar dat afdalen niet tot zijn specialiteiten behoorde. 

Door zijn beroerde dalerscapaciteiten wachtte Bahamontes met regelmaat op de achtervolgers om in het wiel van de betere dalers naar beneden te gaan. Bahamontes kwam toch slechts voor de bergprijs naar de Tour en de punten had hij dan al in zijn zak. Die dag in 1954 had hij dus ook nog eens problemen met zijn fiets. Hij moest op zijn ploegleider wachten om het euvel te verhelpen. Dat deed hij op de top en daar stond een ijskraam. De ijsventer was echter in geen velden of wegen te bekennen; waarschijnlijk was hij zelf ook naar de wedstrijd gaan kijken en had daarmee zijn kraam zonder toezicht achter gelaten. 

Bahamontes had honger en dorst en zag de ijskraam onbemand staan. Hij besloot er naar toe te gaan om met zijn handen grote scheppen uit de ijsbakken te halen en dat gulzig naar binnen te werken. Er blijft op deze manier dus niets over van het beeld van een renner die rustig achterover leunend een hoorntje met een bolletje verorbert. Toch geeft het verhaal het beeld weer van een begenadigd klimmer. In zijn eerste Tour wist hij dus al dusdanig indruk te maken, dat zijn concurrenten hem en zijn Luxemburgse evenknie, Charly Gaul, maar lieten rijden als ze aanvielen in de bergen. 

De eerste Spanjaard en laatste echte klimmer als Tourwinnaar

Hoewel Bahamontes slechts voor de bergprijs naar de Tour kwam, wist hij in 1959 als eerste Spanjaard de Tour te winnen. Natuurlijk lagen zijn uitzonderlijke klimmerscapaciteiten hier aan te grondslag, maar hij had ook een gelukje. Het gelukje heette in die tijd Roger Rivière en Jacques Anquetil. Bahamontes had met overmacht de klimtijdrit op La Puy de Dôme gewonnen. Hij declasseerde de tegenstand, maar had de hulp van Rivière en Anquetil nodig om het geel veilig te stellen.

Sinds 1930 werd er met landenteams gestreden in de Tour de France. Dat betekende dat de Fransen naast een nationale ploeg ook regionale ploegen afvaardigden. De nationale ploeg kende in 1959 vele sterren. Naast Rivière en Anquetil maakten ook Raphaël Géminiani en Louisson Bobet deel uit van de ploeg. Daardoor was er geen plaats voor Henry Anglade. Een bovengemiddeld renner, maar door de aanwezigheid van te veel kampioenen bij de nationale ploeg liet de ploegleider hem links liggen. Hij had immers al genoeg ego’s te managen.

Het was deze Anglade die het Bahamontes nog moeilijk zou maken. In de eerste etappes in de Alpen wist Bahamontes samen met Gaul huis te houden en het geel te grijpen. Alles leek beslist, maar toen kwam de rit van La Lauret naar Saint Vincent. Anglade ging in de aanval en pakte al snel tijd op Bahamontes. Bahamontes zag zijn hele Tour in rook opgaan en de zwaarmoedige Spanjaard dacht langzaam maar zeker aan opgeven. Vanuit de achtergrond kwamen daar opeens Anquetil en Rivière. Zij hadden met pech te maken gehad en het was hun eer te na om een regionaal zomaar de Tour te laten winnen. In een achtervolging waar de vonken van af vlogen, namen zij Bahamontes op sleeptouw. Het was genoeg om Bahamontes in veilige haven te krijgen. Daarmee kreeg Spanje haar eerste Tourwinnaar in de geschiedenis en volgens Bahamontes zelf was het ook de laatste keer dat een echte klimmer de Tour won. (foto: printscreen)

Arnout Tamerus (Twitter: @ArnoutTam

0 reacties

Schrijf een reactie

Om een reactie te kunnen schrijven dien je ingelogd te zijn. Login/Registreer je hier direct!
Naar boven