Roger De Vlaeminck vindt het maar niks: de alleenheerschappij van Mathieu van der Poel in het veldrijden. De Vlaeminck, voormalig wieler- en veldritkampioen, vindt dat de Nederlander meer aan het publiek moet denken. Dat zegt hij voor de camera van Sporza. De Vlaeminck vindt het jammer hoe het momenteel gaat. De Belg vindt Van der Poel op dit moment ‘veel te goed’, maar vindt tegelijkertijd dat de Nederlander slimmer moet zijn, aangezien er volgens hem ‘mensen afhaken'.
Sterker nog: De Vlaeminck vindt dat Van der Poel de sport kapot maakt, omdat hij alles naar zich toe wil trekken. ‘Na tien minuten heb je tegenwoordig alles gezien in het veldrijden. Het is het bekijken niet meer waard. Van der Poel is een echte Hollander die alles naar zich toe wil trekken, dat begrijp ik. Maar je kunt het ook mooi maken als je de beste bent, want ik vind het niet meer mooi. Hij maakt de sport een beetje kapot.'
Wout van Aert
De Vlaeminck trok ook zijn mond open over Wout van Aert. Hij sprak Van Aert tijdens Flandiencross in Hamme. 'Ik heb met hem (Wout van Aert, red.) gesproken en hem gezegd dat hij snelheid mist. Hij moet meer achter de brommer rijden. Rijd 50 of 60 km/u en ga dan eens naast die brommer rijden. De eerste keer kun je dat 20 meter, de keer erna 30 meter en zo drijf je dat op', zegt de 71-jarige Belg.
Naast dat hij Van Aert van advies voorzag, gaf De Vlaeminck ook te kennen dat hij Van Aert graag onder zijn hoede neemt. 'Misschien is het voor dit jaar te laat, maar volgend seizoen kan dat zeker lukken. Ik ben er zeker van dat Van Aert terugkomt en dat Van der Poel hem dan niet meer losrijdt.' (Foto: screenshot)
Update - 12.50 uur (19 november 2018): Van der Poel reageert op kritiek De Vlaeminck
Mathieu van der Poel heeft gereageerd op de kritiek van
Roger de Vlaeminck. ‘Ik begrijp waarom mensen het zeggen’, begint de onbetwistbare beste veldrijder van de wereld in gesprek met
Het Nieuwsblad. ‘Maar ik geef hetzelfde antwoord als mijn vader: Als ik wacht om weg te rijden en ik krijg drie ronden voor het einde een lekke band, wacht de rest ook niet op mij. Ik train hard om crossen te winnen, niet om crossen spannend te maken.’