Dylan Teuns heeft zaterdag op prachtige wijze de achtste
etappe van de
Tour de France gewonnen. De Belg maakte deel uit van een grote
kopgroep en wist in de finale uit de klauwen van een ontketende Tadej Pogacar
te blijven. Teuns won eerder in 2019 een Touretappe.
‘Het is geweldig, tot nu toe had ik een lastig jaar. Ik had
mijn doelen, maar kwam nooit in de buurt. Eindelijk kan ik weer eens een
overwinning vieren’, vertelt Teuns in het flashinterview. Teuns zat samen met
zijn ploeggenoot Wout Poels mee in de kopgroep. ‘Het was niet makkelijk. In het
begin was het namelijk erg nerveus. Het was lastig om met een groep weg te
geraken. We reden met ongeveer zestig man constant heel hard.’ Uiteindelijk
reed Poels solo weg. ‘Hij mikte op de bergtrui en zat alleen vooraan. Dat
maakte het wat makkelijk voor ons, want we hoefden alleen maar te volgen en
niks te forceren. Uiteindelijk zaten Wout en ik mee met de kopgroep’, aldus
Teuns.
In de finale kon Teuns op de één-na-laatste klim vervolgens
niet de besten volgen vooraan. ‘Het was een beetje vreemd, want ze reden de
klim vanaf het begin heel hard op. Ik had toen moeite om te volgen.
Uiteindelijk kwam ik echter mooi terug’, zegt Teuns met gevoel voor
understatement.
Teuns geraakte op de laatste klim solo vooraan, maar moest
nog altijd vrezen voor Pogacar, die snel naderde. ‘Voor de laatste klim hoorde
ik van de ploeg dat het verschil ongeveer 1.15 was. Ik dacht dat dat voldoende
zou moeten zijn om solo aan de afdaling te beginnen. Hoewel Pogacar op de top
slechts tien seconden achter lag, wist Teuns met een sterke afdaling de Sloveen
weer op ruime afstand te rijden.
Teuns: 'Ik denk dat hij trots op mij is'
De ritzege betekende voor Teuns zijn tweede overwinning in
de Tour. Eerder won hij al een aankomst bergop in 2019. ‘Het is gewoon geweldig
om in de Tour te winnen. En dit is een mooie etappe.’ Daarnaast draagt Teuns de
overwinning op aan zijn grootvader. ‘Hij is recent overleden en we hadden de begrafenis
een week voor de Tour. De laatste tien kilometer waren dan ook heel emotioneel.
Ik denk dat hij trots op mij is’, besluit Teuns.