Ergens achter of middenin het peloton fietsen is voordelig. Dat is bekend. Maar volgens de berekeningen van sportaerodynamicus Bert Blocken van de KU Leuven de TU Eindhoven, is het nog effectiever dan eerst gedacht werd.
Blocken simuleerde een peloton van 121 renners, amper wind en een vlakke rit. Daaruit bleek dat de renners die midden of achterin het peloton fietsen slechts vijf tot tien procent luchtweerstand hebben van een renner die op kop van het peloton fietst. Volgens de berekeningen kan een renner zo’n vijftien kilometer per uur trappen, terwijl hij 54 kilometer per uur rijdt.
De meest ideale positie is volgens Blocken het midden van rij zes tot acht. ‘Daar heb je voldoende afscherming en rijd je nog steeds voldoende voorin', zegt hij tegen
Sporza. Aan de zijkant van het pak rijden is zeker niet het meest relaxed. Daar ervaart een renner zestig procent van de luchtweerstand, vergeleken met de luchtweerstand van de man op kop of een eenzame fietser. (Foto: Quick-Step Floors / Getty Images)