De twaalfde etappe van de Giro d'Italia had uit moeten draaien op een grote massasprint, maar het werd opnieuw vuurwerk. In een kletsnatte slotfase werd er veel aangevallen en kon Sam Bennett het van een peloton van nog slechts 51 man afmaken. De reacties van de hoofdrolspelers: Matej Mohoric viel aan in de finale en leek met Carlos Betancur op weg naar de finish. De renner van Movistar hield echter de benen stil. 'Ik heb wat aanvallen gevolgd en uiteindelijk kwam ik vooraan met Betancur. Helaas kon ik hem niet lossen in de afdaling en hij wilde totaal niet samenwerken. Misschien dacht hij dat ik een lead-out voor hem zou doen, maar ik won al een etappe en ik wist dat hij snel is in de sprint.'
Diego Ulissi zat ook mee in de finale, maar hij kon Mohoric en Betancur in de afdaling niet volgen. De renner van UAE Emirates lijkt er vrede mee te hebben. 'Ik zat in een goede positie op de klim en ik had goede benen, dus ik heb het geprobeerd. In de afdaling heb ik geprobeerd door te zetten, maar de voorsprong was te klein om de finish te halen.'
Sam Bennett was uiteindelijk de sterkste, mede omdat hij vroeg aan ging. 'Dit is een mooie manier om te winnen. Het geeft me vertrouwen. We hadden nog twee mannen voorin en ik wist niet hoeveel energie zij nog hadden. Ik wilde niet dat de etappe aan mijn neus voorbij ging, dus besloot ik om vroeg te gaan. Ik wist niet of ik het kon houden, maar ik denk dat ik sommige mannen heb verrast.'
Niccolo Bonifazio sprintte naar plek drie: 'Ik ben blij met de finale. Ik had goede benen en ik hield stand op de klim, waar het tempo heel erg hoog lag. Bennett ging uiteindelijk voor een lange sprint en het is jammer dat ik hem niet meteen volgde.'
Jurgen Roelandts kon weer eens een top-10 noteren met een vijfde plek. 'Ik zat bij Viviani omdat hij vier ploeggenoten bij zich had, maar toen zaten we plots in de tweede groep na de breuk. We hebben heel hard gereden en kwam voor de klim terug. De Marchi heeft me naar voren gebracht en ik zat in Bennetts wiel op drie kilometer. Hij wachtte op support, dus ging ik naar voren. Achteraf gezien was het beter geweest om in zijn wiel te blijven. Hij verraste me, al had ik hem niet kunnen verslaan.'
Rohan Dennis, ploegmaat van Roelandts, viel in de finale zelfs nog aan. 'Ik was verrast door de zijwind en toen het brak, was het even spannend. We zaten vooraan en omdat het gat veertig seconden was, dachten we tijd te kunnen pakken op Pozzovivo. Toen we een aanval van Henao onschadelijk maakte en ik zag dat hij moe was, dacht ik dat anderen dat ook zouden zijn. Ik heb de benen getest, maar niemand wilde meewerken.'
Simon Yates kwam geen moment in de problemen dankzij een prima ploeg. 'Het was een lastige finale en ik denk dat een paar mannen dat onderschat hebben, inclusief mezelf. Ik zag mannen aanvallen, maar omdat je niet goed kon zien wie wie is, reageerde ik. Het is beter om iemand terug te halen, dan om achter te liggen. Bij de breuk zaten we met de ploeg voorin. Toen ik hoorde dat Pozzovivo achter lag, was hij al terug.'
Let op: dit bericht wordt aangevuld.
(foto: Eurosport)