Lance Armstrong vindt dat de wielerwereld te veel hamert op het anti-doping-beleid. De Amerikaan, die er wel meteen bij zegt dat het uit zijn mond waarschijnlijk raar zal klinken, denkt dat de sport wat aan het doorslaan is in de jacht op doping. In een uitgebreid interview met
VeloNews legt Armstrong schoorvoetend uit wat hij vindt dat het dopingbeleid vandaag de dag. 'Ik weet dat ik gezien mijn verleden niet echt betrouwbaar ben wat betreft dit onderwerp, dus ik heb het er liever niet over. Maar als je het mij vraagt, dan wil ik mijn mening wel geven. Ik weet dat wielrennen veel dopingproblemen heeft gehad en dat het één van de grondleggers is van een anti-dopingbeleid. Het wielrennen doet er tenminste wat aan, anderen vegen de problemen weg.'
Armstrong doelt op het feit dat men in wielrennen het dopingprobleem serieus neemt, misschien wel te serieus. 'In het basketbal kun je in de rust een shot cortisonen krijgen als je geblesseerd bent. Als je vervolgens een goede wedstrijd speelt, ben je een held. In het basketbal krijg je vooraf een melding dat je gecontroleerd gaat worden. In een veel zwaardere sport als wielrennen neem je een beetje EPO en ben je een valsspeler en een slecht mens, die uit de maatschappij verbannen moet worden. Hoe is dat fair?'
Volgens de Texaan moet het wielrennen iets doen aan dat verschil in opvatting wat betreft doping. 'In mijn ogen hebben ze iets gecreëerd zodat ze de fans echt kunnen laten zien dat ze er iets aan doen. Maar ze weten eigenlijk niet wat ze eraan moeten doen. Nu hoor ik dat ze attesten willen afschaffen? Hou even op! Veel andere sporten mogen alle soorten medicijnen gebruiken die illegaal zijn in het wielrennen. Het is voor mij het bewijs dat de sport zijn imago wil opschonen, maar het is niet eerlijk naar de atleten die met kleine blessures en een attest beter kunnen presteren.'
'Ik denk, en dat zal raar klinken uit mijn mond, dat we niet zo hard moeten proberen wat betreft anti-doping. Het werkt niet en we krijgen niet de credits voor alle initiatieven, in vergelijking met andere sporten. Het kost bovendien veel geld, voor weinig resultaat. Eén procent test positief, terwijl de wijsheid zegt dat zo'n twintig á dertig procent vals speelt. Er zijn andere ideeën, zoals het publiceren van data van de renners of het nauwlettender volgen van de geneesmiddelen-productie. We moeten creatievere ideeën hebben om met dit probleem om te gaan.' (foto: Social Media Armstrong)