De Gendt werd vooraf door de ploeg aangewezen om in de ontsnapping te zitten. ‘Helaas had ik met
Tony Martin een schaduw die je niet zomaar losrijdt. Bij de derde keer besefte ik dat het geen zin had. Ik mocht van Tony niet wegrijden. Op dat moment vloek je het hele peloton bij elkaar, maar het waren orders van zijn ploeg’, schrijft De Gendt in zijn column voor
Het Nieuwsblad.‘Jumbo-Visma wilde dat geen enkele renner van
Lotto Soudal in de vlucht zat, omdat we met Caleb Ewan een kanshebber hadden.’ Toch lukte het uiteindelijk met
Tim Wellens. ‘Toen Tony voor de derde keer in mijn wiel bleef kleven, heb ik hem geflikt. Ik ging vol in de remmen om vervolgens te zigzaggen, zodat hij mij niet kon passeren. Intussen staken honderd renners ons voorbij. Toen Tony me weer kon passeren, waren de vluchters (met Wellens, red.) al gaan vliegen.’ (Foto: Sirotti)