Toon Aerts kan maar moeilijk opboksen tegen de overmacht van
de concurrentie, vertelt hij in
Het Laatste Nieuws. De cross wordt met name
gedomineerd door de mannen van Pauwels Sauzen-Bingoal, de ploeg van Eli
Iserbyt, Laurens Sweeck en Michael Vanthourenhout. ‘Ik sta er vaak alleen voor’,
zegt Aerts.
Tijdens de cross in Leuven kon Aerts zijn concurrenten maar moeilijk de baas zijn. Aerts reed zich kapot om Vanthourenhout op afstand te
houden, waardoor Sweeck makkelijk in zijn wiel kon blijven hangen. ‘Ik zat vast
in het ploegenspel’, vertelt Aerts. ‘Het is een beetje het verhaal van het hele
seizoen. Op een zwaar parcours speelt het ploegenspel een kleinere rol, maar op een
snelle omloop is het heel duidelijk. Dan is het moeilijk opboksen tegen de
overmacht’, licht de Belg toe.
'Ik heb ogen in mijn rug nodig'
- Aerts over de concurrentieAangezien de concurrentie het spel hard speelt, rijdt Aerts
nooit op zijn gemak. ‘Even uitzakken naar positie vier of vijf is dodelijk. Ik
moet constant knokken voor mijn positie en heb ogen in mijn rug nodig’, geeft
hij aan. Het speelt wel mee in zijn hoofd, maar hij ziet het wel als een
uitdaging. ‘Ik haal er een kick uit als ze me met drie man proberen weg te
zetten en ik toch als eerste een technische strook kan opdraaien. Ergens is dat
een compliment.’
Terugkeer Van Aert en Van der Poel
Volgende week
keert Wout van Aert terug in het veld en twee
weken later zien we ook Mathieu van der Poel terug op zijn crossfiets. Aerts ziet in dat het er
dan helemaal anders aan toe zal gaan. ‘Dan is het koersen zonder nadenken. De
gashandel moet open en ik ga ze zo lang mogelijk proberen te volgen’, besluit
Aerts.