Zijn ontwikkeling als wegwielrenner heeft Wout van Aert de das omgedaan op de Koppenberg. Dat meent de wereldkampioen veldrijden in gesprek met Het Nieuwsblad. Van Aert moest het donderdag afleggen tegen Toon Aerts in de Koppenbergcross en ook Michael Vanthourenhout kwam nog over hem heen. ‘Die mannen zijn veel lichter gebouwd. Ik heb moeite mijn spieropbouw te controleren’, stelt Van Aert, die op het vlakke wel de beste was. ‘Daar kon ik explosief versnellen en de rest onder druk zetten.’ Bergop ging het echter een stuk moeilijker, omdat Van Aert een stuk zwaarder is. ‘Mijn vetpercentage is even laag, maar de afgelopen jaren was ik veel lichter van spierbouw. Toon en Michael zijn veel lichter gebouwd.’
Die spierontwikkeling is vooral gekomen door zijn stap naar de weg, waar hij in 2014 (en Van Aert won ook in 2015 en 2016) de Koppenberg nog opfladderde. ‘Toen zag ik er uit als een sprinkhaan. ‘Ik weeg nu zeker tien kilo meer. Ik maak gewoon makkelijk spieren aan en het is moeilijk dat onder controle te houden. Ik zie geen andere verklaring dan dat dat komt door mijn wegseizoenen.’ Het kostte hem op de Koppenberg de kop, ‘maar gelukkig zijn de meeste omlopen in de cross vlak. Daarbij is het wel een voordeel wat meer kracht te hebben, anders zou ik bewust spieren moeten gaan verliezen.’ (Foto: Screenshot)