De Vuelta a Espana heeft dit jaar niet echt een
sprintersvriendelijk parcours ontworpen. De rappe mannen komen er bekaaid vanaf met slechts drie tot vijf kansen, wat ook terug te zien is aan het deelnemersveld. Op sterke beren Kaden Groves (Alpecin-Deceuninck) en Wout van Aert (Visma | Lease a Bike) na, staan er geen topsprinters aan het vertrek, maar dat biedt juist kansen voor opkomende mannen.
Eén van die heren is
Arne Marit, de sprinter van dienst van Intermarché-Wanty.
In de Leiderstrui sprak hem bij de ploegenpresentatie in Lissabon, waar hij eerlijk was over zijn kansen en ambities. ‘Ik ben er vooral met het oog op de eerste week. Rit twee en
drie gaan de voornaamste kansen zijn, samen met rit vijf zeven. In mijn geval zal
het overleven zijn tot rit zeventien, en dan ligt er nog een kansje. Maar
inderdaad, in deze Vuelta is het vooral voor de klimmers', stelt de vriendelijke Belg.
Dat is ook terug te zien aan de startlijst, waar opvallend weinig rappe mannen te spotten zijn. ‘Oorspronkelijk stonden mannen als Caleb Ewan en Mads
Pedersen erop en dan dacht ik: ah ja, dat is wel goed, dan hoeven wij niet te
controleren. Maar het is ook wel goed dat er twee zware concurrenten minder zijn,
dus ik zie er wel mijn brood in.’
Lees verder onder de foto.
Marit heeft zich nauwgezet voorbereid op deze Ronde van Spanje. ‘Ik heb een hoogtestage in Tignes gehad, daarna heb ik
nog een tijd in de hoogtetent gelegen. Ik heb niet heel veel gekoerst, maar wel
veel getraind aan een hoge intensiteit. Dat zou moeten renderen in de eerste
week. Ik voel me heel erg goed, dus ik kijk er wel naar uit', zo geeft hij aan.
Met het oog op het parcours pakte hij het ook slim aan. ‘Ik heb specifiek getraind voor het heuvelachtige werk. Op
hoogte in Tignes, maar ook thuis heb ik wat specifiekere VO2-max-trainingen
gedaan. Het langere werk, omdat we weten dat het sprinten kan worden na een
lastige wedstrijd. De waardes waren goed, dus dan hoop ik dat ik die hier ook
kan trappen. Dan zou ik in principe mee moeten zijn over de heuvels', laat hij weten.
Het is voor Marit niet het makkelijkste jaar geweest, met een enkelbreuk als dieptepunt. ‘Over het algemeen heb ik een sukkeljaar gehad, met die val
in de Scheldeprijs. Tot en met Catalonië ging alles smooth: ik had al twee keer mooie
podiums gesprint, dus dat was al een stap vooruit. Toen ben ik er lang uit
geweest, op zoek naar de goede vorm.'
'Daarom heb ik ook de Ronde van Zwitserland
gereden, om toch wat conditie op te bouwen', gaat hij verder. 'Op het BK voelde ik mij dan heel
goed, maar jammer genoeg was er geen koers meer. Dus dan moet je opnieuw op
hoogte, trainen en zo verder.’
Lees verder onder de foto.
Marit toonde in Giro 2023 dat hij kan scoren in grote ronde
Marit reed tot dusver één grote ronde, de Giro van 2023. Daar toonde hij dat hij de capaciteiten heeft om een ritzege in een grote ronde te boeken. ‘In die eerste sprintrit, waar ik vierde was, deed ik veel
vertrouwen op. Maar vooral in rit zeventien, waar ik mijn ketting eraf trapte, had ik echt het
gevoel dat ik mee kon doen om de overwinning. Het is eigenlijk een beetje met
een revanchegevoel dat ik hier sta: een podium zou mooi zijn, maar winnen zou
toch wel de kers op de taart zijn', durft hij te dromen.
Daar moeten de goede benen dan ook voor aanwezig zijn. Hoe verhouden die zich tot de Giro van vorig jaar? ‘Als ik wattagegericht kijk, ben ik net iets beter. Maar dat
weet je natuurlijk niet, want ik heb weinig referentie. Maar normaal is het najaar
altijd mijn beste periode van het jaar', klinkt het vol vertrouwen.