Robert Gesink heeft de nodige lessen geleerd uit de Tour de
France van 2020, de ronde die zijn kopman
Primoz Roglic op de voorlaatste dag
verloor. In de podcast
In het Wiel van het
AD blikt Gesink terug op de Franse
ronde. ‘Achteraf gezien hadden we misschien anders moeten koersen.’
Het zag er zo mooi uit voor Jumbo-Visma tijdens de afgelopen
Tour. Roglic had de eindzege binnen handbereik, maar in de beslissende tijdrit
verloor hij zijn gele trui aan landgenoot Tadej Pogacar. Een bizarre wending,
ook voor superknecht Gesink. ‘Het was niet dat we het al vierden, maar we
gingen die dag met heel veel vertrouwen in. Primoz zou een paar seconden kunnen
winnen of verliezen, maar hij had wat ruimte (57 seconden, red.). Het bleek
niet genoeg in de tijdrit. Van wat er daar gebeurde, zakte onze broek wel af’,
doet Gesink zijn verhaal. ‘Pogacar had de dag van zijn leven. Primoz was hard gevallen
in de Dauphiné, dus misschien had hij daar nog last van in de tijdritpositie.’
Achteraf gezien had Jumbo-Visma misschien op een andere wijze
moeten koersen, denkt Gesink. ‘We hadden Pogacar misschien als collectief onder
druk moeten zetten, omdat zijn ploeg (UAE Team Emirates, red.) minder was. Ik weet nog dat ik echt niet
blij was toen hij op de Peyresourde veertig seconden terugpakte. Dat is een
les: als je een tegenstander strak op achterstand hebt gereden, moet je ‘m ook
op achterstand houden. Maar dat is allemaal achteraf en achteraf heb ik heel
veel koersen gewonnen.’
'Dat deed echt pijn, ik had de tranen bijna in mijn ogen staan'
- Robert GesinkHet mislopen van de tourzege liet de Nederlander zeker niet
koud. Hij werd er zelfs emotioneel van. ‘Ik weet nog dat we Parijs binnenreden,
de dag na de tijdrit, achter de trein van UAE Team Emirates. Die hadden
helemaal niks gedaan de hele Tour, maar ze reden wel als paradepaartjes de
Champs-Élysées op. Dat deed echt pijn, ik had de tranen bijna in mijn ogen staan.
Het besef dat we er zo dichtbij waren’, aldus de 34-jarige renner van Jumbo-Visma.