Sam Oomen was de eerste
minuten net als zovelen in twijfel of Wout van Aert de
Amstel Gold Race gewonnen
had. De Nederlandse klimmer deed in de finale belangrijk werk voor zijn kopman
door mee te schuiven met aanvallen en door een gevaarlijke groep terug te
pakken.
De Amstel was met een plaatselijk
parcours verre van een ‘normale Amstel’, maar het maakte er volgens Oomen zeker
geen gemakkelijkere koers van. ‘Het was alsnog een hele zware en selectieve
wedstrijd’, vertelt hij na afloop aan de
NOS. Oomen was twintig minuten na de
koers nog niet helemaal zeker dat zijn ploeggenoot Van Aert gewonnen had. ‘Ik
ben daar sowieso heel huiverig in. Moet je je voorstellen dat je nu al je kind
gekust hebt en het aan het vieren bent en dan opeens hoort: het is niet zo. Maar
hij zit op de troon en wordt zo denk ik gehuldigd, dus dat is fantastisch. Ik
hoop dat het zo mag zijn.’
Oomen vervolgt: ‘Wout heeft
het fantastisch gedaan.’ Over zijn eigen aandeel is de rossige Nederlander wat
kritischer. ‘Ik had gehoopt wat meer bij te dragen en we hebben ook wel een
beetje een steek laten vallen. Het was aan mij en Jonas Vingegaard en Robert
Gesink om in de voorfinale met aanvallen mee te schuiven. Dat ging aanvankelijk
hartstikke goed. Totdat we op drie rondes van het eind op een stuk werden
klemgezet, waardoor we een groep misten en moesten achtervolgen. Dat heeft mij
hij flink de nek omgedraaid en toen kwamen Wout en Primoz alleen te zitten. Dat
was een beetje jammer’, besluit Oomen.