Jasper Philipsen domineert tot
op heden de massasprints in de
Tour de France. De sprinter van
Alpecin-Deceuninck won al drie etappes, maar bij al die etappes klonk er wat kritiek
over de spurt van Philipsen, zij het terecht of onterecht. Het leidt volgens de
Belg tot een waslijst aan haatberichten op social media.
De meeste van die berichten komen voort uit de zevende etappe. In die
rit troefde Philipsen Mark Cavendish en Biniam Girmay af. ‘Meer
bepaald vanuit Eritrese of van fans van Cavendish’, zegt Philipsen in zijn
column voor
Het Belang van Limburg. ‘Ik zou er uren doorheen kunnen scrollen, maar gelukkiger word je
daar niet van. Dus ga ik me er ook niet mee bezighouden. Die berichten halen me
dus zeker niet uit mijn evenwicht’, laat de sprinter zich er niet negatief door
beïnvloeden.
Bij de
sprint in de zevende etappe maakte Philipsen een manoeuvre waardoor Girmay
moest inhouden. De huidige drager van de groene trui
verdedigde zichzelf door
te zeggen dat de man op kop de lijn bepaalt. In dat geval was dat Cavendish. De
supporters van de Brit zullen ongetwijfeld boos zijn, omdat het voor Cavendish
een grote kans was om zijn 35ste ritzege te boeken, waarmee hij de
absolute recordhouder zou zijn geweest. De gemiste kans kreeg extra lading omdat Cavendish na een val de Tour in de achtste etappe moest verlaten
Zowel
Intermarché-Cricus-Wanty als Astana-Qazaqstan tekenden na de betreffende rit
protest aan bij de jury, maar vonden uiteindelijk geen gehoor. Ook bij de eerdere
zeges van Philipsen was dus in mindere mate kritiek. Zo deed Philipsen vakkundig
de deur dicht voor Wout van Aert in een bochtige aankomst. In de sprint op het autocircuit
Nogaro deelde lead-out Mathieu van der Poel dan weer een stevige schouderduw
uit aan Girmay.
Philipsen: 'Ik hoop dat ze dat blijven doen'
'Als je wint heb je vrienden, maar ook veel vijanden', reageerde Philipsen tegen
VTM Nieuws over de kwestie. 'Ik vind niet dat ik iets fout doe. Ik probeer altijd fair te sprinten. De jury maakt rationele keuzes, ik hoop dat ze dat blijven doen en niet de emoties van de anderen laten spelen.'