Mattias Skjelmose won zaterdag dankzij
een machtige sprint de tweede etappe van de Tour des Alpes Maritimes du Var. De Deen was goed bij de les, waar hij dat naar eigen
zeggen niet was in de openingsrit. ‘Gisteren zat ik te slapen en stelde ik mijn
ploegmaten teleur.’
In de finale werd er volop aangevallen, onder andere door
leider
Kévin Vauquelin en David Gaudu. Skjelmose liet zich echter niet
verleiden om te reageren. ‘Ik moest mij rustig houden. Aanvankelijk zouden we
met Alex (Kirsch, red.) voor de sprint gaan, maar hij moest helaas lossen op het
laatste klimmetje met nog zo’n tien kilometer te gaan’, aldus de renner van
Trek-Segafredo in het
flashinterview.
‘Ik bleef daarna kalm. Ik wist dat ik de snelste was, maar
was afhankelijk van anderen om gaten dicht te rijden en dat deden ze. Vauquelin
had de etappe ook gewoon kunnen winnen’, stelt Skjelmose. ‘Hij was heel sterk
en ik had geluk dat iemand anders hem terugpakte.’
Skjelmose: 'Ik stelde mijn ploegmaten teleur'
De overwinning was voor Skjelmose een opsteker nadat hij in
de openingsetappe een steekje had laten vallen. ‘Gisteren zat ik te slapen en stelde
ik mijn ploegmaten teleur. Ik liet Kévin en Neilson (Powless, red.) wegrijden,
wat niet zo slim was. Dankzij bonificaties, zowel tijdens de etappe als aan de
finish, kom ik langzaam wat dichterbij. Morgen is alles nog mogelijk’, besluit
Skjelmose, die de interviewer verzekert dat hij zich dan niet in slaap zal laten
sussen.