Geen enkel mediabedrijf ontkomt eraan: het maken van
keuzes. Wat is nieuws, waar ligt de interesse van onze lezers en hoe proberen we
zo objectief mogelijk te blijven in soms ingewikkelde kwesties? Bij In de
Leiderstrui vinden we het belangrijk dat we transparant zijn over onze
werkwijze, dus behandelen we op de laatste dagen van iedere maand in ‘Van de
redactie’ een onderwerp dat ons heeft beziggehouden.
Note: dit artikel is geschreven voorafgaand aan de eerste partij van Naomi Osaka op Roland Garros. Na afloop dreigde de organisatie haar uit het toernooi te zetten. Inmiddels is de speelster zelf uit het toernooi gestapt. Meer informatie hier. Persconferenties tijdens grote rondes: wie heeft er zin in?
De aandacht voor het wielrennen is niet evenredig
over het seizoen verdeeld. Vanzelfsprekend vangt de Tour de France in de
zomermaanden de meeste aandacht. Veel coryfeeën uit het wereldje zullen beamen
dat het beduidend meer is dan bij grote klassiekers of de Giro d’Italia, die op
dit moment verreden wordt. Toch hebben de renners en de ploegen ook in de Italiaanse
grote ronde hun verplichtingen. Het is iets waar ze naar verluidt niet altijd
op zitten te wachten. Hoe vaak wordt er niet gesuggereerd dat iemand de roze
trui niet wil pakken omwille van al het extra’s dat daarbij komt kijken?
Tijdens de Giro d’Italia worden er door de
organisatie verschillende momenten in het leven geroepen om de hoofdrolspelers
uit het peloton te kunnen spreken. Iedere dag is er een persconferentie met de
ritwinnaar en vervolgens ook de drager van de roze trui. Op rustdagen volgen
vragenmomenten met enkele hooggeplaatste renners uit het algemeen klassement.
Bij ploegen valt daarnaast het een en ander te regelen voor aparte interviews,
maar deze zijn veel vrijblijvender van aard. Als de ploeg bijvoorbeeld vindt
dat een renner rust nodig heeft, hoeft hij in feite niemand te woord te staan.
Door de coronacrisis is het voor een platform als In
de Leiderstrui stukken gemakkelijker geworden om deze persconferenties bij
te wonen. De organisaties van wedstrijden, maar ook de ploegen, maken namelijk
veel meer gebruik van de mogelijkheden waarin we vorig jaar allemaal op grote
schaal mee kennismaakten. Zoom, Microsoft Teams of andere online verbindingen
zijn inmiddels gemeengoed geworden. Als journalist hoef je niet per se naar
Italië af te reizen om een renner te kunnen spreken. Dat scheelt (naast het
verminderen van contacten en reismomenten in verband met corona) geld en
moeite, plus je bent direct in staat om vanaf je eigen werklocatie een artikel
van de persconferentie uit te werken. Op die manier komt het nieuws misschien
nog wel sneller bij de lezer dan ooit.
Screenshot uit de persconferentie met Damiano Caruso op de tweede rustdag.
Hoe aanraakbaar is het wielrennen nog?
Het wielrennen stond jarenlang bekend als een zeer
aanraakbare sport, ook voor de pers. Toch hebben we bij In de Leiderstrui het
idee dat ook de coureurs steeds correcter worden in hun verhaaltjes na afloop
of bij andere persmomenten. We horen dat het een zware wedstrijd was, dat hun
teamgenoten ontzettend goed werk hebben geleverd of soms een volledige
beschrijving van het wedstrijdscenario dat we zojuist hebben gezien. Dat is hun
goed recht, maar het heeft tot gevolg dat journalisten en websites (ook IDL) massaal op
iemand duiken die van die lijn afwijkt. Gevolg: relletjes en mediastormen, iets
wat de coureur in kwestie niet ten goede komt. Het siert iemand wanneer hij of
zij zich daar niets van aantrekt, maar we kunnen het ze zeker niet kwalijk
nemen wanneer ze de volgende keer toch liever iets corrects zeggen. ‘Het is een
geweldige wedstrijd en het publiek was fantastisch’, wordt het dan maar.
Het zou zelfs een negatieve impact kunnen hebben op
het mentale aspect van de sporter, iets waar op dit moment nog niet al te veel
aandacht voor is. Naomi Osaka, op dit moment de op één na beste tennisster van
de wereld, hoopt daar verandering in te krijgen. Zij komt op voor de
psychologische belangen van sporters en
vermijdt daarom tijdens Roland Garros
de pers. ‘Ik ga mezelf niet meer onderwerpen aan mensen die aan mij twijfelen’,
schrijft ze in een statement. Het afzeggen voor de journalistieke verplichting
zal haar boetes opleveren, maar dat kan de Japanse wel hebben: ‘Ik hoop dat de
opbrengst daarvan naar een goed doel gaat.’
In het wielrennen is het nog niet op zo’n punt gekomen,
al zijn er wel voorbeelden bekend van ploegen die liever een vooraf opgenomen
video de wereld insturen dan dat er een groep journalisten te woord gestaan
moet worden. Op die manier voorkom je een hoop negatieve aandacht, je houdt als
ploeg namelijk zelf de regie. De renner wordt mentaal minder belast en de
sponsor (waar in het wielrennen zo ontzettend veel van afhangt) zal zich niet
achter oren hoeven te krabben over de samenwerking. Eind goed, al goed, dus.
Wat denken we hiervan bij In de Leiderstrui?
De vraag is of dit zeer wenselijke ontwikkelingen
zijn. Veel wielerfans zijn juist zo dol op de koers vanwege het aanraakbare
karakter. Zitten zij echt te wachten op de correcte praatjes, op de gelikte
filmpjes of andere marketingcontent? Krijgen we op deze manier niet alleen nog
maar een grotere afstand tussen de wielrenners aan de ene kant en de fans en
journalisten aan de andere kant? Op die manier zal alles dat afwijkt, in positieve
of negatieve zin, juist alleen nog maar extra uitvergroot worden. Het menselijke
van de sport verdwijnt, terwijl de renner in de eigen bubbel hopelijk geniet
van de rust. Het is iets waar zij ook het volste recht toe hebben. Je bent
immers sporter geworden om te sporten, te winnen of iets anders, maar
waarschijnlijk niet om vragen te beantwoorden die je al honderd keren
beantwoord hebt. In dat opzicht is het besluit van Osaka op Roland Garros meer
dan begrijpelijk.
Toch blijft de sport een wereld van entertainment, en
wel één waar ontiegelijk veel geld in omgaat. Je zou dus kunnen verwachten dat
je als atleet, wanneer je je faam en rijkdom te danken hebt aan de commerciële
successen, enkele verantwoording in de vorm van perspraatjes verschuldigd bent.
De kritieken op Osaka zijn er daarom ook wel degelijk. Zeker aangezien ze het
besluit ‘eenzijdig’, zonder samenspraak met organisaties of pers, maakte. Je
kunt je afvragen of dit de meest handige strategie is. Ze creëert immers minder
persmomenten voor jezelf, maar hiermee zet ze zichzelf wel weer in de kijker. De
eerste keer dat ze de baan opgaat, zal het in ieder geval over de persboycot
gaan en dus niet altijd om de sportieve prestaties.
Osaka heeft daarentegen wel voor elkaar gekregen dat er
bij In de Leiderstrui, wat in essentie niets met tennis te maken heeft,
nagedacht wordt over de zin en onzin van allerlei persmomenten. Wat is de relatie
tussen sporter en pers en op welke manier benader je elkaar om zo objectief
mogelijk te kunnen verslaan voor de fans? Een eenduidig antwoord is er niet,
maar duidelijk is dat hierbij openheid van twee kanten de sport veel goeds kan
doen, voordat er afgestevend wordt op een soortgelijke situatie als in
bijvoorbeeld de Formule 1. Wat het wielrennen niet moet willen, is dat het een
afgesloten wereldje wordt waarin kritische journalisten buiten de deur worden
gehouden en de sporter in een eigen bubbel leeft. Dan zijn we allemaal nóg
verder van huis…
Door: Jannick van der Hooft -
[email protected]