Jonas Vingegaard (Jumbo-Visma) en
Tadej Pogacar (UAE Team Emirates) zijn dé twee
topfavorieten bij uitstek als het gaat om het binnenslepen van de eindzege in de
Tour de France, die op zaterdag 1 juli van start gaat in de Spaanse stad Bilbao. In 2022 was het de Deen, die na het uitvallen van Primoz Roglic het kopmanschap 'toegespeeld' kreeg, die aan het langste eind trok en daarbij de Sloveen naar een tweede plaats verwees. Roglic is er dit jaar niet bij, dus is het bij de Nederlandse succesformatie alle ballen op de Scandinaviër, die tegenover de
NOS zijn verwachtingen deelt.
Naar eigen zeggen is de bedeesde Vingegaard geen geboren leider, al moest hij die rol vorig jaar wel vervullen. 'Dat is iets wat aangeboren is bij sommige mensen, maar ook iets dat je kan leren. Ik denk dat ik het geleerd heb', vertelt hij. 'Het is iets waar we binnen de ploeg veel over hebben gesproken. De ploegleiding legde me uit hoe ik een leider moest zijn, hoe ik moest communiceren met anderen, hoe ik anderen moest aanspreken. Maar het heeft ook geholpen om te kijken hoe Primoz (Roglic) en Wout (van Aert, red.) dat deden.'
Vingegaard over de hulp van zijn vriendin Trine
Ook zijn vriendin Trine heeft een belangrijke rol gespeeld in het desbetreffende ontwikkelingsproces. 'Zij heeft me echt geholpen haar op de borst te laten groeien, om volwassen te worden, om niet bang te zijn mensen de waarheid te vertellen. Ze heeft me echt uitgedaagd in bepaalde situaties, zodat ik niet meer bang ben om anderen te vertellen hoe ik denk dat dingen moeten gaan', aldus Vingegaard, die de dienstdoende redacteuren van de publieke omroep ook een rondleiding geeft in Glyngøre, het kleine dorpje dat, in vergelijking met de hectiek omtrent de
Tour de France, als een oase van rust aanvoelt.
Vorig jaar ontpopte de 26-jarige Vingegaard zich van meesterknecht c.q. 'klassementstroef achter de hand' tot ultieme afmaker. In het Baskenland is de Sloveense ex-schansspringer er niet bij, dus komt het in de strijd om het geel aan op Vingegaard. 'Ik heb veel vertrouwen dat ik weer voor de eindzege kan strijden en we hebben een supersterk team. Of het niet makkelijker was geweest met hem erbij? Ja en nee. Natuurlijk was het altijd goed geweest als hij erbij was geweest. Zo'n sterke renner als Primoz erbij, is nooit slecht. Het had een voordeel kunnen zijn. En ik kan het kopmanschap ook delen, dat was geen probleem geweest.'