In
Courchevel heerst een absurdistische stemming. Een voor een komen
Jumbo-Vismarenners met gebalde vuisten over de streep. Iets verderop verzamelen
de reeds gefinishte ploeggenoten van
Tadej Pogacar zich. Ze wachten hun
Sloveense kopman op, die met een slakkengang zichzelf de moorddadige
finishstrook in het skidorp op hijst. Nog nooit zag de wereld de beste
wielrenner ter wereld
op deze manier lijden. Van tevoren was hij nog
strijdbaar, wellicht tegen beter weten in. Na afloop was zijn achterstand op
geletruidrager Jonas Vingegaard gegroeid naar bijna acht minuten. Opnieuw, voor
de zoveelste keer deze Tour, was de wielerwereld met stomheid geslagen.
Achteraf is het
hoe dan ook makkelijk ouwehoeren. Maar bedroog de schijn al die tijd? De kans
lijkt groot dat er wekenlang helemaal geen duel is geweest. De psychologische
oorlogsvoering, die al vanaf dag één door UAE-Team Emirates werd aangewakkerd,
lijkt achteraf slechts een stunt. Misschien waren de ontspannen houding, de
kleine treiterige tikjes richting Jumbo-Visma in week één wel een maskering van
wat er echt speelde. Misschien hadden ze vooraf al rekening gehouden bij de
Arabische ploeg met het doemscenario dat de tweestrijd tussen Pogacar en Vingegaard
in schoonheid zou sneuvelen – zoals uiteindelijk op de monsterlijke Col de la
Loze gebeurde. En toch, zo verschrikkelijk lang leek de wielerwereld zich
inderdaad op te kunnen maken voor het mooiste duel ooit.
Tekst gaat verder onder de foto.
Pogacar is he-le-maal gesloopt na de zeventiende etappe.
Pogacar verloor de Tour al in de Waalse aprilregen
Pogacar wist de
oorvijg die hij in de vijfde etappe van Vingegaard kreeg goeddeels weg te
werken. Eerst met zijn ritzege in Cauterets, later met het sprokkelen van
seconden in het Centraal Massief, de Jura en de Alpen. Zelfs in de tijdrit was
de Sloveen, ondanks zijn grote verlies, nog steengoed. Maar wie goed keek, zag
daar al een ander gelaat. Het verval was voorzichtig zichtbaar, zijn gelaat
werd grijzer. Een koortslip zorgde voor geruchten over een mindere fysieke
toestand. Zijn val in de zeventiende rit zal vast niet mee hebben geholpen. Uiteindelijk
bleek de tank na zeventien ritten volstrekt leeg. De oorzaak voor zijn
Tournederlaag moeten we in het klassieke voorjaar zoeken. Pogacar verloor de
Tour al tijdens Luik-Bastenaken-Luik.
In die periode
vond de schijnbaar koersverslaafde Pogacar in de voorjaarsklassiekers zijn
gewenste speeltuin. Hij won de Ronde van Vlaanderen, de Waalse Pijl en de
Amstel Gold Race. Ook Luik-Bastenaken-Luik behoorde tot zijn beoogde menu, maar
daar ging het hopeloos mis. Al vroeg in de koers viel het Sloveense wonderkind
in de Waalse aprilregen. Na afloop verscheen hij snel lachend en opgewekt op de
sociale kanalen, in de hoop dat het allemaal goed zou komen. IJdele hoop, want
al snel bleek dat zijn herstel moeizamer liep dan verwacht. Zijn terugkeer in
koers bij de Sloveense Kampioenschappen, waar hij zijn landgenoten wegvaagde,
verbloemde dat hij niet honderd procent fit aan de Tour zou beginnen.
Tekst gaat verder onder de foto.
Pogacar op de avond na zijn crash in Luik-Bastenaken-Luik
Andere voorbereiding in aanloop naar de Tour is nodig voor Pogacar
Het is een
genot om de tweevoudig Tourwinnaar, de spectaculairste renner die in het
peloton rondfietst, heel het jaar aan het werk te zien. Hij is in staat om
iedere wedstrijd, eendags- of rittenkoers, winnend af te sluiten. Maar na zijn
val in Luik moeten er vraagtekens bij zijn programma gezet worden. Hoeveel
risico dient een Tourfavoriet te nemen in aanloop naar het hoofddoel van het
jaar? Neem de voorbereiding van Vingegaard, die zich sinds de Ronde van het
Baskenland in de luwte begaf, op hoogtestage ging, zijn vorm testte in de
Dauphiné en zo fris als een hoentje in Bilbao aan de start verscheen. Vingegaard
perfectioneerde zijn frisheid in aanloop naar het verdedigen van zijn Tourzege.
Ook was zijn basisconditie beter dan die van zijn Sloveense opponent, na de val
in Luik.
Als Pogacar de
Tour wil winnen, moet hij zijn voorbereiding serieus heroverwegen. Pieken in
april en juli kan, zo heeft hij in het verleden bewezen. Maar de Sloveen is de
afgelopen jaren ingehaald door een toprenner die geen enkel risico meer neemt.
Die alles in het werk stelt om die tweestrijd, waarvan iedereen weet dat deze er
komt, in zijn voordeel te beslissen. Risico’s vermijden blijkt nu de sleutel
tot succes in de hoogmis van het seizoen: de Tour. Zijn Deense opponent heeft
geen enkel écht moment van zwakte laten zien in bijna drie weken fietsen. Pogacar
zet in zijn overvolle voorjaar de vormpiek die hij in juli moet hebben om
Vingegaard te kunnen verslaan, op het spel. Door zijn val moest hij het dit
jaar veelal doen met de hometrainer. Een schril contrast met de uitgekiende
hoogtestages van Jumbo-Visma.
Voor nu staat
vast dat Pogacar voor de tweede keer op rij de Tour niet wint. Om een derde
keer te voorkomen, moet hij zijn weg naar Frankrijk anders gaan inrichten. Het
is aan hemzelf wat zijn insteek van een wielerjaar is. Hij verwent de
wielerwereld door in het voorjaar zijn topvorm te etaleren. Om de Tour weer te
winnen zal hij echter minder risico’s moeten nemen in koersen die onderdoen
voor de Franse drieweekse. Misschien is dit wel helemaal niet wat Pogacar wil. Misschien
zit het niet in het karakter van de Sloveen, die op de rustdag het liefst salto’s
in het hotelzwembad maakt en fietst met wielertoeristen, om deze omslag in gang
te zetten. Wie het succes van Vingegaard aanschouwt, zou het hem wel adviseren.
I’m gone,
I’m dead. Voor nu zijn dat de laatste noemenswaardige woorden van Tadej
Pogacar in de Tour. Bij een gelijke stand in de voorbereiding is de kans groot
dat Pogacar, door zijn explosiviteit, karakter en veelzijdigheid, in de Tour op
het moment suprème als beste boven komt drijven en wel van Vingegaard wint. Dan zullen zijn
praatjes vast weer groter zijn.
Huub Mol