‘Het was een eerste jaar zonder verwachtingen. Dat ik in mijn eerste seizoen al kon winnen was heel mooi’, begint het Vlaamse fenomeen. ‘Tijdens de week van de Clásica San Sebastián en het EK vloog ik en dat kwam er tijdens het EK tijdrijden écht uit. Ik reed over een parcours van 22 kilometer twintig seconden rapper. Ik had het gevoel dat ik nog wel een uur kon doorrijden.’
We hebben Evenepoel ook leren kennen als een erg aanvallende renner. Is het niet om de wedstrijd te winnen, dan wel om zijn grote motor nog groter te maken, maar zijn energievretende manier van koersen wordt niet altijd even op prijs gesteld. ‘Ze zeggen ook binnen de ploeg was dat nou nodig.’ Het past echter wel bij de nieuwe generatie wielrenners vindt Evenepoel. ‘Ik denkt dat het bij de jeugd van tegenwoordig hoort,
Mathieu van der Poel en
Wout van Aert zijn ook erg aanvallend. We vinden het in het peloton ook gewoon leuker. Drie verdwaalde Fransen, tien minuten, peloton rijdt het dicht over tweehonderd kilometer en dan de laatste vijf kilometer alles eruit voor de sprint. Dat zijn ook écht de saaiste dagen op de fiets’, verwijst de jonge Belg naar een doorsnee vlakke etappe in de Tour de France. (Foto: Sirotti)