Overgangsetappe nummer zoveel in deze uitvoering van de Giro d'Italia. Ook in rit dertien kan het weer alle kanten op; van veredelde sprintrit tot keiharde strijd. In de Leiderstrui zet de favorieten op een rijtje.
Van de 192 kilometer zijn er 180 biljartvlak en 12 bergop/bergaf. Voer voor de sprinters, zou je zeggen. Maar niet in de Giro, want de stukken bergop liggen in het slot van de rit en liggen ideaal om de concurrentie pijn te doen. Maar wie durft?
Sagan, Sagan en Sagan!
Eigenlijk moet er één man in staat geacht worden om op de klimmetjes naar Il Riccolo (4,1 km aan 8,3 procent) en Calaone (2,1 km aan 9,5 procent) zijn ploeg aan het werk te zetten:
Peter Sagan. De Slowaak toonde in de rit van dinsdag op een soortgelijk parcours dat hij de benen van weleer terug heeft en vindt hier opnieuw een klassieke rit.
Voor een goede Arnaud Démare moet het op deze heuveltjes een dubbeltje op zijn kant zijn. Dat hij goed is, daar bestaat met vier ritzeges in de tas uiteraard geen twijfel over. Veel zal afhangen van wat BORA-hansgrohe doet. Trekken knechten als Matteo Fabbro en Pawel Poljanski vol door, dan zal het voor Démare misschien net te lastig worden.
Heuvelspecialisten, verzamelt u!
Ook iemand als
Diego Ulissi moet in staat geacht worden om wat uit te richten op de laatste puistjes. De puncher van UAE-Team Emirates slaagde tot nu toe enkel in rit twee in zijn opzet, maar zette ook nadien al enkele malen zijn ploeg op kop. Nu Fernando Gaviria niet voor ritzeges lijkt te kunnen gaan zorgen, zou dit wel weer eens een Ulissi-dagje kunnen worden.
Ook
Andrea Vendrame vindt hier een parcours naar zijn maat, maar de vinnige renner van AG2R lijkt eerder een renner voor een top vijf-klassering. Telkens blijkt er net iemand beter te zijn. En wat gaat Deceuninck-Quick-Step proberen? Voor Álvaro José Hodeg zal het ongetwijfeld te zwaar zijn, maar zowel
João Almeida, Davide Ballerini als
Mikkel Honoré moeten dit in principe aankunnen.
Outsiders die het vermelden waard zijn
Enkele renners die het mogelijk vanuit een vroege vlucht kunnen proberen zijn - wie anders -
Thomas De Gendt, maar ook een
Giovanni Visconti en
Jonathan Castroviejo. En gaan sterk klimmende sprinters als
Ben Swift, Enrico Battaglin en
Fabio Felline hier hun neus aan het venster steken? (foto: Sirotti)