Het valt niet mee om als wielrenner voortdurend in de
spotlight te staan. Dat beamen Ceylin del Carmen Alvardo en
Anna van der Breggen in een dubbelinterview met het
AD. Beide rensters weten om hoe het is om wereldkampioen
te zijn, maar kennen ook de minder leuke gevolgen daarvan.
De nog maar 22 jaar jonge Alvarado werd op 1 februari
2020 voor het eerst wereldkampioen in het veld. Een prachtige prestatie, maar
er kwam toen heel veel op de Nederlandse af. ‘Mijn wereld stond een beetje op z’n
kop. Het was echt enorm veel ineens’, vertelt ze daarover. Daags na haar
overwinning probeerde ze de mannenkoers in anonimiteit te volgen, maar dat
lukte maar moeilijk. ‘De aandacht was zó massaal, ook daarna met alle media. Ik
heb bijna heel die dag zitten janken. Al die aandacht en dan ben je 21.
Iedereen ziet de titel en de trui, de mooie kanten, maar er komt zoveel bij
kijken. Nu, met de tijd, ga ik er wel beter mee om.’
Van der Breggen wist in haar carrière twee keer
wereldkampioen op de weg te worden. Daarnaast werd ze wereldkampioen
tijdrijden. Ook zij moest wennen aan alle aandacht die ze kreeg. ‘Ik kreeg op
die leeftijd (21, red.) voor het eerst een camera op me gericht. Ik weet nog dat ik me
afvroeg of ik in de camera of naar de interviewer moest kijken. Absurd. Ik kon
er langzaam aan wennen, maar voor Alvarado was dat: bam! Ik snap wel dat dat
voor haar even heftig heeft gevoeld’, legt ze uit.
Van der Breggen onder de indruk van Alvarado
Naast haar veldritcarrière heeft Alvarado ook grote
ambities op de mountainbike en de weg. ‘Ik zou zeker willen bereiken wat Van
der Breggen allemaal bereikt heeft. Ik wil in haar voetsporen treden’, spreekt ze
over haar doelen. Toch kleven daar volgens Alvarado ook allerlei verwachtingen
van de buitenwereld aan. ‘Die verwachtingen als wij in een andere discipline
starten, zijn lastig. Je bent wereldkampioen, maar op de weg en de mountainbike
wil ik mezelf de tijd gunnen. Ik wil dat andere mensen dat ook begrijpen.’
In het uitgebreide interview spreekt Van der Breggen vol lof over haar
landgenote. ‘Ze is gewoon zó snel zó goed geworden. Er gaat natuurlijk een
moment komen waarop ze niet zoveel wint en het minder gaat. Dat moet wel, als
je er logisch over nadenkt. Dat ze nu al een WK heeft gewonnen is fantastisch,
maar het is ook moeilijk: het kan niet beter’, aldus Van der Breggen, die na
het komend seizoen haar fiets aan de wilgen hangt.