Thymen Arensman heeft afgelopen seizoen bewezen dat er in de
toekomst rekening met hem gehouden mag worden. De renner van
Team Sunweb, die
nog maar twintig jaar jong is, reed een hele sterke Vuelta a España waarin hij
meerdere malen in de kopgroep reed. Ondanks zijn sterke prestaties, vertelt hij
in de
podcast van De Rode Lantaarn dat hij daar weinig druk van ervaart.
Arensman was blij dat hij geselecteerd werd voor de Vuelta,
al had hij er in het begin wel nog wat twijfels bij. ‘Ik was slechts twintig
jaar, dus tuurlijk was ik een beetje zenuwachtig. Gelukkig heeft het team me
ervan overtuigd dat ik het gewoon aan zou kunnen en ik er alleen maar op
vooruit zou kunnen gaan. Ze waren heel flexibel. Als het niks zou worden, zou
ik gewoon naar huis mogen gaan’, aldus de jongeling over zijn ploeg.
'Wellens begon in het Engels tegen me te praten. Hij kende me niet!'
- Arensman over zijn anonieme verschijningHij was nog een anonieme jongen in het peloton, maar liet al
snel zijn klasse zien. Zo reed hij in de vijfde etappe al in de vlucht met Tim
Wellens en Guillaume Martin, waarachter hij uiteindelijk als derde eindigde. ‘Dat
is natuurlijk supermooi, dat me dat lukt als twintigjarige. Daar ben ik heel
trots op. Ik weet nog dat Wellens in het begin van de etappe in het Engels tegen me begon
te praten. Hij kende me niet!’, lacht Arensman.
Arensman voelt geen druk na sterke prestaties
Na zijn sterke verschijning in de Vuelta verandert er niks
in het hoofd van Arensman. ‘Ik voel me er super rustig onder en ik doe gewoon
mijn eigen ding, ook al krijg ik heel veel mediaverzoeken. Zelfs als ik in deze
Vuelta nog beter had gereden, zou er niets veranderen voor mij.’ Naast Arensman
zien we nog meer sterke jongelingen terug in het peloton, zoals Tadej Pogacar
die op 21-jarige leeftijd de Tour de France won. Ook daar ervaart Arensman geen
druk door. ‘Ik wil gewoon jaar bij jaar een beetje groeien. Ik hoef nu nog niet
de beste te zijn.’
Voor het volgend seizoen heeft Arensman nog geen concrete
plannen. Zo geeft hij aan dat het vanwege de coronacrisis moeilijk is om een
wedstrijdprogramma samen te stellen. Wel spreekt hij zich uit over zijn rol in
de ploeg: ‘Ik ga volgend jaar nog niet voor het klassement, want ik wil liever
nog een jaartje aanvallen. Dat vind ik zelf hartstikke leuk en past ook het
meest bij mijn natuurlijke rijstijl!’, besluit hij zijn verhaal.