Andreas Kron strandde met een vierde plek
naast het podium
in de
Amstel Gold Race. De Deen van
Lotto-Dstny klopte Alexey Lutsenko in de
sprint, maar kwam net te laat om Tom Pidcock terug te pakken. ‘Als we niet
hadden geaarzeld, dan hadden we hem kunnen pakken.’
‘Het was een heel zware koers, vooral de laatste honderd
kilometer in de groep met Pogacar’, doet Kron na afloop bij
Eurosport zijn verhaal.
Toen Pogacar zijn duivels ontbond op de Eyserbosweg, kon Kron net niet mee. Hij
zat na de helling samen met Lutsenko op korte achterstand van Pogacar, Tom
Pidcock en Ben Healy. Uiteindelijk kwamen ze er niet bij, maar op de valreep
hadden ze nog een kans om voor de derde plaats te gaan. ‘Op het einde kwamen
we heel dichtbij Pidcock, glimlacht Kron als een boer met kiespijn. ‘Ik ben een
beetje teleurgesteld dat ik het podium mis, maar ben wel blij met hoe we
gekoerst hebben.’
Dat Kron en Lutsenko niet bij Pidcock geraakten, had vooral
te maken met dat ze het gat niet voor elkaar dicht wilden rijden. ‘Normaal heb ik
wel een goede sprint, maar ik voelde mij niet echt goed in de laatste tien
kilometer. Als we niet hadden geaarzeld, dan hadden we hem kunnen pakken, het is
echter een onderdeel van wielrennen’, doelt Kron op het gepoker van hem en
Lutsenko.’
Kron: 'Pogacar is van een ander niveau'
Kron kon niet mee met de aanval van Pogacar op de
Eyserbosweg. De Deen wilde daar naar eigen zeggen niet alles riskeren en refereert
aan wat een landgenoot van hem een jaar eerder overkwam. ‘Ik kon redelijk mee,
maar was mij ook bewust van: als je vol gaat, dan kan je compleet ontploffen.
Ik had vorig jaar Vlaanderen in mijn hoofd. Toen Kasper Asgreen mee ging met
Pogacar en later explodeerde. Ik hoopte dat we in de finale nog konden
terugkeren, maar dat lukte niet. Pogacar is van een ander niveau; hij wisselt
van fiets, komt terug en valt aan…’