Lijstjes. Veel sportliefhebbers zijn er gek op. Lijstjes van
meeste overwinningen, lijstjes van verzamelde punten, transferlijstjes, grote
lijstjes, kleine lijstjes: je kunt het zo gek niet verzinnen of er is wel
iemand die gewaagd heeft het op een rij te zetten. Niet voor niets trekt een
site als ProCyclingStats de aandacht van de wielervolgers. Ze zijn immers gek
op klassementen en statistieken.
Daarom is de verkiezing van de beste wielrenner aan het eind
van het seizoen altijd boeiend. De Velo d’Or, zoals de prijs genoemd wordt, is
altijd voer voor genoeg discussie. Hoe vergelijk je immers verschillende
disciplines met elkaar? Is het logisch dat de mannen en vrouwen voor dezelfde
prijs meedingen? Het zijn vragen waar je vanzelfsprekend de nodige voors en
tegens voor kunt bedenken.
Dat het gek voelt om alles op een hoop te gooien, wordt ook
wel bewezen door de erelijst van de Velo d’Or. In het verleden werd de prijs
alleen maar gewonnen door wielrenners op de weg. Ook was er tot op heden geen
enkele vrouw die aanspraak maakte op de titel volgens de jury. Toch opvallend,
gezien de overmacht waarmee sommige vrouwen de afgelopen jaren hun sport gedomineerd
hebben. Het is een dominantie die we de afgelopen jaren in ieder geval niet
vaak teruggezien hebben in het mannenpeloton, uitzonderingen daargelaten.
Het is maar de vraag of dit jaar dat patroon doorbroken kan
worden, want dit jaar is er wel één renner in het mannenpeloton te vinden die
er met kop en schouders bovenuit stak:
Tadej Pogacar. Met een overwinning in
een grote ronde en twee Monumenten op zak valt een keuze voor de Sloveen zeer
goed te rechtvaardigen. Wat mij betreft zijn alle andere renners in ‘zijn
categorie’ bij voorbaat kansloos. Enigszins opvallend is het dus wel dat er nog
zeven andere mannelijke wegwielrenners genomineerd zijn (Mathieu van der Poel
en Wout van Aert als MTB’er en/of veldrijder hier even weggelaten).
Twaalf nominaties, maar slechts vier 'echte' kanshebbers
Het leuke aan lijstjes is volgens mij dat je op een
duidelijke manier kunt zien wie ergens de beste in is. Om die reden ben ik zelf
fan van de CQ-ranking, die op een heel open manier laat zien hoe zij punten
toebedelen aan renners. Ze hebben de boel ook een stuk sterker afgebakend dan
de Velo d’Or: het is een ranglijst die alleen geldt voor het wielrennen op de
weg, voor mannen. In mijn ideale wereld zouden ze deze ook hebben voor het
vrouwenpeloton. En daarnaast voor de baan, het veldrijden en de BMX.
De Velo d’Or komt op mij in veel opzichten over als een
prijs die aansluit op de populariteit van het wielrennen in de jaren 90 en die
sindsdien nog weinig veranderingen heeft ondergaan. Welke zin heeft het om Kasper
Asgreen en Pogacar momenteel voor dezelfde prijs te nomineren? Ja, natuurlijk,
Asgreen heeft een supergoed seizoen achter de rug. Hij heeft alleen geen enkele
aanspraak op de prijs als je enige vorm van logica hanteert. Het zou een
schijnverkiezing zijn als het anders zou uitpakken.
Wat dat betreft maken er van deze genomineerden maar vier
écht kans op de prijs. Pogacar zogezegd, maar ook Van der Poel (als wereldkampioen veldrijden dan maar vertegenwoordigd),
Annemiek van Vleuten en
Harrie Lavreysen. Laatstgenoemden
waren overduidelijk de sterkste in hun onderdelen en zouden daarom ook een veel
prominentere nominatie mogen krijgen, of de hoofdprijs, wat mij betreft.
Prijs is toe een een nieuwe opzet
Voor de toekomst, of dat nou de Velo d’Or of een andere
partij is die een vergelijkbare prijs wil uitreiken, stel ik dan ook graag een
ander systeem voor. Maak categorieën, stel logische criteria op waaraan je de
winnaars per categorie afmeet en laat deze winnaars vervolgens als ‘genomineerden’
over aan een vakjury. Dan heb je toch nog de discussie (en daarmee aandacht
voor de prijs), maar houd je het wel enigszins inzichtelijk.
Het enige waar je dan nog rekening mee moet houden, is dat
sommige renners in meerdere disciplines uitkomen en daardoor buiten de boot
kunnen vallen. Denk aan een Filippo Ganna, maar ook Wout van Aert, Lotte
Kopecky en Tom Pidcock. Ook Van der Poel zou door zijn veelzijdigheid waarschijnlijk
niet genomineerd worden in deze opzet. Het zijn de uitzonderingen waar ook over
nagedacht moet worden. Het vrijhouden van enkele plekjes op de lijst zou dit
vervolgens nog kunnen voorkomen.
Er is een mogelijkheid dat de prijs vervolgens nog steeds
altijd naar de mannelijke wegwielrenner gaat, maar dan wordt het in ieder geval
wat duidelijker hoeveel belang we écht aan deze prijs moeten hechten. Doe mij
tot die tijd maar wat andere lijstjes…
Door: Jannick van der Hooft -
[email protected]