Lorenzo Fortunato was de nummer één in het favorietenartikel
voor het bergklassement op In de Leiderstrui en dat was niet zonder reden. De
Italiaan van EOLO-Kometa leek voorafgaand aan de race beter dan ooit en dus
ging deze website bij hem langs om uitgebreid te babbelen over zijn ambities.
Met Alberto Contador als zijn teambaas en mentor hoopt Fortunato in deel twee
van de Giro een prominente rol te spelen.
‘Voor mij is het eerste doel om een etappe te winnen’, zegt
Fortunato in z’n beste Engels. De klimgeit slaagde daar in 2021 al eens in,
toen hij tot ieders verrassing voorop bleef op de ultrasteile Monte Zoncolan. Het
leverde hem alvast eeuwige roem op. ‘Mensen herinneren zich een etappezege meer
en langer, dan wanneer je negende wordt in het klassement. Het klassement
blijft desondanks belangrijk, maar het is sinds mijn ritzege op de Monte
Zoncolan in ieder interview en bij iedere teampresentatie alleen maar gegaan
over die dag. Ik zou graag weer de koninginnenrit winnen.’
Fortunato kijkt uit naar de bergen (maar niet naar de andere ritten)
Het zegt veel dat Fortunato het vertelt zonder enig cynisme
of sarcasme. De Italiaan is bergop op papier één van de sterksten op de
startlijst en daar gelooft hij zelf ook heilig in. ‘Ik ben niet bang voor de
bergetappes, eerder voor de vlakke ritten, wind en stress. Ik ben niet zo sterk
en heb geen ploeg die mij volledig omringt. Als ik op een slecht moment m’n
fiets kapot rijd, kan ik zo tien minuten verliezen. Ik zal geluk moeten hebben
en mijn momenten moeten pakken in de bergen.’
Want als het eenmaal bergop gaat, zijn er weinig renners die
harder omhoog kunnen rijden dan Fortunato. ‘Mijn waardes zijn heel goed. In de
Tour of the Alps en Vuelta a Asturias (die Fortunato won, red.) reed ik 6,5 á
6,7 watt per kilogram en dat is wat je nodig hebt om met de besten mee te
kunnen. De cijfers zijn er, al zal ik er jongens als Pogacar niet mee kunnen
volgen. Het zou wel gaaf zijn om een keer bij de besten te blijven. Als ik met
Evenepoel, Roglic en bijvoorbeeld Almeida en Vlasov kan finishen, is dat goed
voor mij.’
Toch is het wiel houden van de beste klassementsrenners niet
het belangrijkste doel. Jagen op een etappezege is prioriteit, samen met twee
andere doelen: ‘Ik hou van het klassement en top tien is mogelijk, denk ik. Dat
zal alleen wel afhangen van de derde week. Als ik daar een keer tien minuten
kan terugpakken vanuit de vlucht… In de eerste week zal ik namelijk veel tijd
gaan verliezen met de tijdritten en ook in de vlakke etappes zal ik geen enkel
risico nemen. Ik wil mijn lichaam zoveel mogelijk sparen, ook als dat betekent
dat ik in een sprintrit een keer op een halve minuut binnen kom.’
Er is duidelijk goed over nagedacht. ‘Mijn ploeggenoten
zullen zich in vlakke- en overgangsritten richten op de vlucht en op onze
sprinter Vincenzo Albanese. Ik zal in negentig procent van de tijd helemaal
alleen zitten, dus kun je beter van achteren zitten. Ik kan beter dertig
seconden verliezen en geen risico’s nemen, dan dat ik ten koste van alles
voorin probeer te blijven en val of energie verspil. Natuurlijk ga ik niet
bewust tijd verliezen, maar het zou geen probleem zijn als het gebeurt.’
Tekst gaat verder onder de foto.
Na drie etappes kreeg Fortunato desondanks al enkele minuten
aan de broek, vooral door z’n tijdrit. Het was vooraf al voorzien en voor dat andere,
derde doel kan het ook nog weleens van pas komen. ‘Tijdens de Giro zal ik zien
of het mogelijk is om voor het bergklassement te gaan. Dat wordt dan een
project voor de tweede en derde week, die zijn fundamenteel voor dat
klassement. Je kunt aan twee dagen in de vlucht in een stevige bergetappe al
genoeg hebben om het blauw te pakken’, zo stelt Fortunato, die op voorhand niet
wil kiezen tussen een klassement of de blauwe bergtrui. ‘Ik hoef in ieder geval
niet nog een keer vijftiende te worden’, zo doelt hij op z’n eindklassering van
vorig jaar.
Kortom: Fortunato kan aan de bak, zodra de wegen in week
twee en drie meer en meer omhoog gaan lopen. Samen met zijn ploegbaas en mentor
Contador werd er een masterplan bedacht om deel twee van de Giro optimaal bij
de strot te grijpen. ‘Ik heb zeker één of twee keer per week contact met
Alberto en dan geeft hij me adviezen. Ik kijk vaak naar beelden van hem, van
toen hij nog renner was. En toen ik jonger was, volgde ik hem altijd. Voor deze
Giro heeft hij me geadviseerd om rustig te blijven in de eerste tien dagen.
Geen risico’s nemen, goed herstellen en niet te veel op de telefoon. Ik moet
lekker gaan bellen met m’n vriendin en in de tweede en derde week moet ik
toeslaan.’
Prachtige teksten, maar wie Fortunato hoort praten en als je
de honger in zijn ogen ziet, weet je ook meteen dat hij nog zoveel meer wil. De
grote vraag is: kan dat bij EOLO-Kometa? Hij blijft de Italiaanse ploeg nu al
jaren trouw. ‘Pas als EOLO-Kometa doorgroeit als ploeg, of wanneer ik bij een
ander team zal rijden, kan een klassement echt een hoofddoel worden. In de
toekomst is dat wel een doel en ik hoop dat het team met mij mee kan groeien.
Zo niet, dan moet ik misschien verder kijken’, zo zegt hij eerlijk. Want Fortunato
wil zich straks ook op meer regelmatige basis gaan meten met types als Tadej
Pogacar, Jonas Vingegaard en die andere klasbakken. ‘Zulke dingen motiveren
mij, maar nu ik voor EOLO-Kometa rijd, zie ik de grootste jongens niet zo vaak.’