Waar we normaal gesproken ieder jaar
tijdens de bergetappes van de Tour de France hordes van fans zagen meerennen
met de wielrenners, was dat vorig jaar door de coronamaatregelen een stuk
minder.
Richie Porte vond dat wel fijn, vertelt hij in de
Geraint Thomas Cycling Club podcast.
‘Het was dit jaar een stuk prettiger,
zonder alle idioten die meelopen met de vlaggen die in je voorwiel kunnen
blijven steken. Dus dat was dit jaar een fijne bijkomstigheid van het
coronaprotocol’, aldus de nummer drie van de Tour 2020. Thomas is het
gedeeltelijk met zijn ploeggenoot eens, maar geniet vooral van veel publiek. ‘Er
is niets mooier dan door al dat gekke publiek te rijden, maar natuurlijk alleen
als het veilig is.’
Thomas onderkent dan ook de mogelijke risico’s van publiek, die er in het wielrennen meer zijn dan in andere sporten.
‘Kun je je voorstellen dat tijdens een voetbalwedstrijd in Wembley een speler
een vrije trap wil nemen, maar iemand het veld op rent en de bal wegschiet. Dat
is heel gek. In het wielrennen kan het publiek de koers daarentegen veel meer beïnvloeden.
Zo ging (Lance, red) Armstrong in de Tour van 2003 volgens mij al eens onderuit
en (Vincenzo, red) Nibali in 2018 toen ik won op de Alpe d'Huez
(Tour 2018, red.).
'Dat is als een kroeg in Cardiff op een vrijdagavond'
- Porte over de Alpe d'HuezMet het noemen van
de Alpe d'Huez is de berg waar het grootste feest door de wielerfans wordt gevierd,
gevallen. ‘Dat is als een kroeg in Cardiff op een vrijdagavond’, komt Porte met
een opmerkelijke vergelijking. ‘Je hebt de Ierse bocht en de Nederlandse bocht.
Het is gewoon complete chaos.’