De
Scheldeprijs kende door de harde wind een loodzware
editie. Al vroeg ontplofte de koers en brak het peloton in waaiers. Nadat de
eerste en tweede waaier samenkwamen, werd de koers uiteindelijk beslist in een
sprint van een uitgedunde groep. Daarin was Jasper Philipsen overtuigend de
sterkste.
In de Leiderstrui verzamelt de reacties.
Dit bericht wordt aangevuld!
Brent Van Moer was namens Lotto Soudal in de eerste groep vertegenwoordigd,
waar zijn kopman – en sprinter van dienst bij Lotto Soudal – John Degenkolb
juist ontbrak. De jonge Belgische hardrijder moest het niet van zijn sprint
hebben en mikte dus op een late uitval in de laatste kilometers. ‘Ik had
gehoopt dat meer renners iets zouden proberen’, vertelt Van Moer teleurgesteld
na afloop. Hij wist bij voorbaat al dat het nagenoeg onmogelijk zou worden. ‘Desondanks
probeerde ik het en ben ik blij met de progressie die ik dit seizoen tot dusver
heb gemaakt.’
Onderweg moesten verschillende favorieten afhaken, was het niet
door de wind, dan wel door een valpartij. Dat laatste lot was weggelegd voor
Tim Merlier, die een vallende Alexander Kristoff niet meer kon ontwijken. Volgens
de voormalig Belgisch kampioen was zijn valpartij ‘vervelend’, maar was hij
niet de renner die de ploeg zou uitspelen. ‘Ik had vandaag
toch niet gesprint
. Op de teammeeting deze ochtend
was beslist dat we de kaart van Philipsen zouden trekken. Had ik er nog
bijgezeten, zou ik voor hem de sprint aantrekken. Mooi dat Jasper het ook
afmaakt’,
vertelt de Belg na afloop.
Waar Deceuninck-Quick-Step er in de sprint met de trofee voor de meest opmerkelijke tactiek vandoor ging, liep de lead-out van BORA-hansgrohe nog een stuk slechter. De Duitste WorldTour-ploeg zat met veel renners mee in de eerste groep en kon zodoende haar kopman
Pascal Ackermann in een zetel naar de finish brengen. Het liep echter uit op een fiasco, want in de laatste honderden meters moest Ackermann nog helemaal van achteren naar voren worden gebracht. De uiteindelijke zesde plek mag dan ook geen verbazing wekken. Volgens de Duitse spurtbom was het dan ook een sprint waarin alles misging. ‘We werden aan de linkerkant
ingesloten, waarna we besloten aan de rechterkant te blijven. Daarna verloor ik
het wiel van Rudi (Selig, red.) en had ik geen enkele kans meer.’