Primoz Roglic wist in de
twaalfde etappe van de Vuelta a
España geen tijd goed te maken op leider Remco Evenepoel. Ploegmaten van de
Sloveen leken een aanval voor te bereiden, maar uiteindelijk had hij niet de
benen om daadwerkelijk een aanval te plaatsen. Roglic finishte uiteindelijk in
dezelfde tijd als Evenepoel op de Peñas Blancas.
Evenepoel heerst vooralsnog in de Vuelta, zo ook in de
twaalfde etappe. Jumbo-Visma leek een aanval van Roglic voor te
bereiden door tempo te maken op de lange slotklim. De aanval van de Sloveen
bleef echter uit. Wel wist hij geen extra tijd te verliezen op Evenepoel, die
het laatste stuk richting de finish nog versnelde. ‘Ja, het was een behoorlijk
lange klim. Het ging wel goed, ik zat erbij hé’, vertelt Roglic op zijn
typische wijze na afloop aan Discovery+.
Roglic begon de Vuelta niet in zijn beste vorm door een
gebrekkige voorbereiding na zijn val in de Tour de France. Hij en zijn ploeg
hopen dat hij sterker wordt naarmate de ronde vordert. Dat vertrouwen heeft de
ronderenner ook na de twaalfde etappe. ‘Ja ik denk het; we zullen zien. Vandaag
was het gevoel goed. Hopelijk kan ik nog wat verbeteren.’
Roglic: 'Ze reden vlak voor me'
Over de versnelling van zijn ploeggenoten op de slotklim
zegt Roglic met een knipoog: ‘We staan wat achter, dus we moeten tijd goedmaken.’
Op serieuzere toon vervolgt hij: ‘Het is nog een lange weg te gaan, maar vandaag
was een goede dag.’
Onderweg kwam Evenepoel ten val. De Belg hield daar een wond
aan zijn bovenbeen aan over. Op zijn prestaties had het weinig effect, daar hij
als beste klassementsrenner finishte. Roglic zag de val Evenepoel gebeuren. ‘Ja ze
reden vlak voor me. Het zijn gladde wegen hier. Je ziet de weg glinsteren, dus
voordat je het weet lig je op de grond.’