Wout van Aert kende met twee
ritzeges, de groene trui en de eindzege met ploegmaat Primoz Roglic in het
Critérium du Dauphiné een uitstekende voorbereiding op de
Tour de France. Daar wil
hij ook de groene trui winnen, en zal hij zich ook moeten mengen in de tussensprints. ‘Vanaf dag één doe
ik aan alles mee.’
Van Aert cijferde zich in
de zware slotrit van de Dauphiné weg voor Roglic, die uiteindelijk samen met Jonas
Vingegaard over de finish zou komen; de rit ging naar de Deen, de gele trui
naar de Sloveen. Het harde werk dat Van Aert in de slotrit deed, was naar eigen
zeggen belangrijk richting de Tour. ‘Mijn uithouding moet nog iets beter. Alleen daarvoor al was dit
zware weekend in de cols meegenomen.’
Van Aert over Roglic: 'Hij heeft weinig te verbeteren'
Uiteindelijk
werd het werk van Van Aert beloond door Roglic en Vingegaard, die gezamenlijk
over de streep kwamen en als eerste en tweede in het eindklassement eindigden. ‘Het
betekent veel, het zegt dat we op de goede weg zijn. Gisteren lieten Jonas en
Primoz zien dat ze de sterksten waren. Vandaar dat we vandaag een situatie
wilden creëren waarin zij voor de ritzege konden gaan. Dan weet je dat het een
zware dag gaat worden op kop van het peloton; er rijden hier immers alleen maar
klimmers. Iedereen van het team gaf zich voor de volle honderd procent. Zij (Roglic,
en Vingegaard, red.) maakten het uiteindelijk op een prachtige manier af’,
vertelt Van Aert kort na de finish aan
Cycling Pro Net.
Van
Aert wordt ook gevraagd of Roglic nog moet verbeteren om de Tour te winnen. ‘Hij
heeft als drievoudig Vuelta-winnaar weinig te verbeteren. In de voorbije edities
heeft hij wat pech gehad. De sterkte van de ploeg zal dit jaar denk ik nog belangrijker
zijn. We zijn heel sterk als collectief en dat zal in deze Tour doorslaggevend
zijn’, is Van Aert optimistisch.
'De strijd om het groen in een grote ronde is wat anders'
- Wout van AertVan
Aert trok na de laatste etappe van de Dauphiné gelijk door naar Tignes, waar het
merendeel van de Tourselectie van Jumbo-Visma nog een hoogtestage afwerkt. De
coureur had na zijn vorige hoogtestage nog wat twijfels, zo vertelt hij aan
Het Nieuwsblad. De Dauphiné nam die echter helemaal weg. ‘Ik verlaat deze Dauphiné
met een heel goed gevoel. Als je de eerste vijf dagen telkens kunt meedoen voor
de zege, dan zit het goed met de benen. Het is het bewijs dat we de stage op
Sierra Nevada waar ik aan mijn tijdrijden en mijn sprint werkte, goed hebben
aangepakt. Dat geeft toch wel vertrouwen. Gelukkig maar, want er rest niet veel
tijd meer voor 1 juli.’
Waar
Van Aert eerder het puntenklassement won in Parijs-Nice en nu dus in de
Dauphiné, moet in juli het groen van de Tour volgen. De strijd om het groen in een grote ronde is echter wel wat anders, daar de tussensprinten doorslaggevend
kunnen zijn. ‘De vlakke ritten in de Tour zijn overgequoteerd qua punten die je
in de tussenspurt en in de eindsprint kan verdienen. Vanaf dag één doe ik aan
alles mee’, is de Belg duidelijk.
Van Aert: 'Renners als Christophe hebben we nodig'
Het
meedoen aan tussensprints, betekent dat Van Aert misschien minder energie
overhoudt voor de eindsprint, al maakt hij zich daar geen zorgen over. ‘Voor
een krachtspurter als ik denk ik dat die tussenspurten minder schaden dan voor
de pure sprinter. Met het oog op de eindspurt is dat zeker geen nadeel. Het
vergt alleen extra concentratie en energie. Mijn kracht is dat ik in de zware
ritten punten kan pakken waar de pure sprinters niet aan de bak komen.
In
het interview bij Cycling Pro Net werd Van Aert gevraagd naar zijn
ondersteuning in de Tour voor de sprints en tussensprint. Vooralsnog lijkt alleen
Christophe Laporte mee te gaan als renner die hem daarin zou kunnen steunen. Renners
als Mike Teunissen en Nathan van Hooydonck zouden de Tourselectie echter ook
kunnen halen. Van Aert reageert ontwijkend op de vraag: ‘Misschien. Het hangt
af van het koersverloop. Natuurlijk is het belangrijk dat iemand mij helpt
richting een tussensprint of massasprint. Ik denk echter dat we vandaag, maar
ook in eerdere koersen hebben laten zien dat we veelzijdige renners hebben, niet
alleen ik maar ook Christophe; hij kan bergop met de beste vijftig renners mee,
maar is in een sprint ook heel snel. Renners als hem kun je op elk terrein
gebruiken, en zullen we in de komende Tour ook nodig hebben.’