In een tijd waarin
het milieu een veelbesproken onderwerp is, kan ook koersdirecteur van de Giro d’Italia
Mauro Vegni er niet aan ontkomen. Zo moeten de renners in de Giro-editie van
2023 na de voorlaatste etappe een verplaatsing maken van 750 kilometer per
chartervlucht naar Rome, waar de slotrit wordt verreden. ‘Ik denk dat we al
veel doen.’
Inmiddels is het wielerpeloton
ook in het vizier van milieuactivisten. Tijdens de voorbije Tour de France
werd de koers zelfs nog even stilgelegd omdat activisten de weg hadden geblokkeerd. Hoewel
in het wielrennen lange verplaatsingen niet ongebruikelijk zijn, moet tegenwoordig
ook de wielerwereld denken aan haar ecologische voetafdruk. Vegni ziet echter
geen probleem in de verplaatsing van 750 kilometer. ‘Ik denk niet
dat een chartervlucht van Noord-Italië naar Rome slechter is dan de duizenden
vluchten die elke dag worden uitgevoerd’, zegt hij in gesprek met
Cyclingnews. ‘Wat
is de oplossing? Om te stoppen met vliegen?’
Vegni vindt dus dat een vlucht meer of minder weinig
uitmaakt, hij wil de discussie dan ook breder trekken. ‘We moeten de hele
impact van de sport bekijken en met elkaar overleggen over wat we kunnen doen.’
Vegni stelt dat hij al het nodige doet om de voetafdruk van de Giro te
verminderen. ‘Met uitzondering van de verplaatsing naar Rome hebben we het
aantal verplaatsingen tot een minimum beperkt. Wij werken ook met gerecycled materiaal en hebben veel gedaan om het milieu te ondersteunen. We kunnen altijd meer
doen, maar ik denk dat we al veel doen.’