Dylan van Baarle kijkt met veel vertrouwen vooruit naar
Milaan-Sanremo, die aanstaande zaterdag verreden wordt. In de podcast
Kop over Kop vertelt de renner van
INEOS Grenadiers dat hij beter in orde
is dan de voorgaande keren. ‘We hebben een hele sterke ploeg voor de klassiekers.’
De Nederlander blikt met een goed gevoel vooruit op La
Primavera. ‘De koers is niet op mijn lijf geschreven, maar ik denk dat ik beter
in orde ben dan de voorgaande keren. Ik hoop dat ik me in een groepje weet te
plaatsten dat de Poggio overleeft en dan kan er hopelijk misschien iets moois
gebeuren op het vlakke stuk richting Sanremo. Dan moet wel alles op zijn plek
vallen’, stelt hij kritisch. Volgens Van Baarle beschikt INEOS over de nodige
sterke mannen. ‘Normaal waren de meeste selecties al vroeg bekend, maar nu moeten
de jongens vechten voor hun plekje. Mannen als Tom Pidcock en Jhonatan Narváez
hebben laten zien dat ze het aankunnen.’
Ook ‘de grote drie’ worden uitgebreid besproken. Hoe zijn
Wout van Aert, Mathieu van der Poel en Julian Alaphilippe te kloppen? ‘Het zal
heel lastig worden om die mannen te volgen op de Poggio. Je zal waarschijnlijk
vroeger moeten aangaan, of je moet hopen dat ze naar elkaar gaan kijken en je
zo terug kan keren. Maar als je daarop moet gokken, wordt het vrij lastig. We moeten
gewoon zorgen dat we honderd procent zijn aan de start en dan kan er van alles
gebeuren’, antwoordt hij.
Van Baarle ziet strijd INEOS-Jumbo Visma vooral als mediadingetje
Tot slot komt de ‘strijd’ tussen
INEOS Grenadiers en
Jumbo-Visma aan bod. Deze twee ploegen worden namelijk vaak bestempeld als de twee grootmachten van het peloton. Van Baarle ziet die strijd vooral als een mediadingetje. ‘Ik ben er persoonlijk niet mee bezig.
Misschien de andere jongens wel, maar we hebben het er zeker niet over aan
tafel. Er zijn genoeg andere concurrenten en uiteindelijk is Tadej (Pogacar,
red.) ook nog aanwezig om ons pijn te doen. Het gaat zeker niet alleen tussen
ons, want er zijn nog wel meer kapers op de kust’, sluit hij af.