Laurens Sweeck won zondag de Wereldbeker veldrijden in Beekse Bergen. Na een zinderende slotronde rekende hij in de sprint af met Lars van der Haar en Michael Vanthourenhout. Het was voor Sweeck zijn tweede
zege in de Wereldbeker, nadat hij twee weken geleden in Maasmechelen won.
De cross in Beekse Bergen ging er razendsnel aan toe. Twee
rondes voor het einde toonde Sweeck al eens zijn sterke benen met een aanval. Hij
geraakte echter niet weg en moest in de slotronde samen met onder meer Van der Haar
alle zeilen bijzetten om Vanthourenhout bij te benen. In de sprint stond er
vervolgens geen maat op Sweeck, die de sprint van ver aanging. ‘Ik keek niet
achterom’ begint Sweeck het flashinterview.
‘Ik begon de sprint van ver,
maar ik wist dat we met volle snelheid richting de laatste bocht gingen,
waardoor het lastig zou zijn om in het wiel te rijden. Het leek alsof Vanthourenhout
zou versnellen, maar hij kon niet meer echt. Ik ging gewoon vol aan en dacht
dat ze in wiel zaten, maar blijkbaar niet’, stelt een gelukkige Sweeck vast.
Sweeck heeft geen naweeën van ziekte
De Belg is bezig met een ijzersterk seizoen. Vrijdag won hij
al de Jaarmarktcross in Niel en twee weken geleden won hij in Maasmechelen zijn eerste
Wereldbeker. Is hij beter dan ooit? ‘Ik denk dat ik dicht tegen mijn topniveau
aan zit. Ik was een beetje ziek vorige week, maar als je daarna twee crossen
wint, kan je zeggen dat het crossen heel goed gaat’, aldus Sweeck.
De ziektekiemen hebben volgens de renner weinig energie gekost. ‘Ik was niet doodziek, maar het ging vandaag ook
zeker niet beter dan vrijdag. Ik zat wel heel goed in de wedstrijd, al verloor
ik het momentum even na een fietswissel. De winnaar heeft echter altijd gelijk;
het is allemaal goed gekomen.’