Mark Cavendish kijkt ernaar uit om weer te mogen koersen in
het shirt van
Deceuninck-Quick-Step. Dat vertelt hij aan onder meer
In de
Leiderstrui tijdens een virtuele persbijeenkomst van de Belgische ploeg. ‘Ik
wilde maar op één plek zijn.’
Eerder koerste Cavendish al drie seizoenen voor de Belgische
formatie, van 2013 tot en met 2015 om precies te zijn. Aangezien zijn contract
bij zijn oude werkgever Bahrain McLaren in 2020 afliep, moest hij wel op zoek
gaan naar een nieuwe ploeg. ‘Er waren wel wat opties, maar ik wilde maar op één
plek (Deceuninck-Quick-Step, red.) zijn. Ik was hier liever mijn hele leven
gebleven.’
Zo geschiedde, want in december maakte hij zijn terugkeer
bij het oude nest bekend. ‘Ik kijk er heel erg naar uit om hier weer te
koersen, ik heb hier een paar van mijn beste jaren beleefd.’ Aan de pers laat Cavendish
weten dat hij zich er direct weer thuisvoelde. ‘De ploeg is nog precies
hetzelfde als wat ik gewend was. Het gaat om racen, niet om de vermogensmeters.
De Belgen hebben het fietsen door de aderen lopen, dus het is speciaal om hier
weer te zijn.’
Cavendish ziet verandering in moderne wielrennen in
Wel ziet Cavendish in dat het moderne wielrennen flink aan het veranderen is. 'Het wielrennen wordt de laatste jaren minder sprint-vriendelijk. Er zijn minder kansen, waardoor er veel renners voor die paar kansen gaan. Voor ons als sprinters is dat geen goede ontwikkeling. Het wielrennen is heel gespecialiseerd geworden, waarin een
top-10 voor de sponsor vaker beter is dan één of twee etappezeges. De ploegen
veranderen, sommige teams sturen zelfs geen enkele renner meer die voor een
ritzege gaat.'
Als 35-jarige renner is Cavendish zeker niet meer de jongste in het peloton. Een nieuwe, jonge generatie heeft zich aangediend. 'Ik weet niet hoe de nieuwe generatie is, want ik moet heel
eerlijk zeggen dat ik de laatste jaren niet bij ze in de buurt ben geweest', zegt hij lachend, doelend op zijn prestaties van de laatste jaren. Over zijn wielerpensioen denkt de Brit liever nog even niet na. 'Wielrennen is mijn leven en ik weet niet hoe lang ik nog fiets. Ik wil er nu gewoon van genieten. Hopelijk kan ik er dit jaar weer bij zijn, of kan ik mijn ploegmaats helpen om te winnen.'