Rohan Dennis strandde in de eerste etappe van de Ronde van
Romandië net als in de proloog op de tweede plaats. De Australiër van
Jumbo-Visma plaatste een verschroeiende demarrage in de hellende slotkilometer, maar zag Dylan Teuns hem in de laatste meters passeren. Wel nam Dennis de leiding
over in het algemeen klassement.
‘Ik heb alles gegeven,
maar in de laatste honderd meter was ik leeg’, vertelt Dennis op de
ploegsite. ‘In
eerste instantie volgde ik de tempoversnelling van Brandon McNulty en ondanks
dat het pijn deed had ik het gevoel nog iets harder te kunnen.’
‘Ik hoopte daarmee een
gaatje te kunnen slaan, zodat ik zeker wist dat ik minimaal op het podium zou
staan’, vervolgt Dennis. ‘Een paar meter minder en ik had gewonnen, maar ik ben
blij met het resultaat. Het team heeft het geweldig gedaan vandaag.’
Nu Dennis aan de leiding
staat in het klassement wil hij de trui uiteraard verdedigen, zo vertelt hij
aan
Eurosport. ‘Mijn vorm is wel goed, in ieder geval op de korte klimmetjes. Ik
ga elke dag zo snel mogelijk naar de finish rijden om te kijken hoe ver ik kom
in het klassement. Maar ik wil niet zeggen dat ik een van de favorieten ben’,
blijft Dennis voorzichtig.
Dennis: 'Moet er in juli staan in het hooggebergte'
Voor Dennis
is de
Ronde van Romandië ook een goede test voor de Tour de France, waar hij ook
in het hooggebergte sterk voor de dag wil komen. Dat hij dat kan, toonde hij
vooral in de Giro d’Italia 2020, waar hij in de zwaarste bergetappes Tao Geoghegan
Hart naar de eindzege dirigeerde. ‘Ik moet er in juli staan in het hooggebergte
als dat nodig is. Dat is heel belangrijk voor Primož Roglič en Jonas
Vingegaard. Daarnaast focus ik mij zelf ook nog op de tijdritten’, aldus Dennis.