Dat het hard gaat in deze
Tour de France, is een understatement. Renners als Thomas De Gendt lieten al weten dat ze met hun recordwaardes niet veel meer uit konden richten, terwijl sprinters in de
grupetto ook stuk voor stuk hun
all time-highs verbeteren of er heel dicht tegenaan zitten.
De Gendt liet voorafgaand aan de negende rit weten dat hij met zijn twintigste beste tijd ooit het peloton van zeventig man niet bij kon benen, terwijl hij met diezelfde waardes enkele jaren geleden alles en iedereen aan gort reed. 'Als dit zich zo voortzet, dien ik mijn contract uit en dan is het na 2022 misschien wel tijd voor iets anders. Ik zal namelijk niet meer beter worden', vertelde hij aan
Sporza.
Sprinters ondanks recordwaardes naar huis
Maar De Gendt is niet de enige die het lastig heeft met het hoge niveau.
Tim Merlier moest zondag de strijd staken en gaf na afloop tekst en uitleg op de
Facebook-pagina van Alpecin-Fenix. 'De tijdslimiet zorgde voor ongelofelijk veel stress vandaag. Ik kan mezelf niets verwijten, want ik heb drie waarderecords verbroken. Het niveau is gewoon ongelofelijk hoog, en het weer hielp niet mee. Het was
mission impossible.'
Soortgelijke woorden vinden we bij
Arnaud Démare. De Fransman verloor de strijd tegen de klok in de rit naar Tignes. 'Ik heb 97 procent van mijn vijf uur-record getrapt, maar je moet in deze Tour gewoon 100 procent zijn om erin te blijven. Na mijn val ben ik dat gewoon niet, en dan mis je de vier minuten die ik zondag tekort kwam. De Tour wacht op niemand.' Ook andere sprinters toonden hun wattages op
Instagram, zoals Max Walscheid. Die eindigde op 32.21 minuut van Ben O'Connor, maar moest daarvoor wel diep in het arsenaal door zijn recordwaardes te benaderen. Over twintig minuten trapte hij zijn hoogste wattage ooit.