Mauro Schmid wist de negentiende etappe van de Giro d’Italia
niet te winnen. De Zwitser van Quick Step zat mee in de ontsnapping, maar
verloor in de sprint van
Koen Bouwman. Na afloop was Schmid furieus, omdat hij
vond dat Bouwman oneerlijk handelde in de sprint.
Schmid zat samen met Bouwman in de ontsnapping. In de finale
geraakten de twee uiteindelijk met drie andere renners voorop, waarna een sprint
op de slotklim de beslissing moest brengen. Vlak voor de finish lag echter een
scherpe bocht, die beslissend kon zijn. Dat bleek uiteindelijk ook. Schmid
begon de sprint als eerste, maar werd voor het ingaan van de bocht overvleugeld
door Bouwman, die de bocht bijna uitvloog, maar zich recht wist te houden. De
rest was daarna echter wel kansloos voor de winst.
Schmid is na afloop dan ook
boos. ‘Naar mijn mening was het geen eerlijke sprint, dat was wel duidelijk.
Bij het ingaan van de bocht zat mijn stuur nog voor hem. En hij viel bijna in
de bocht. Hij weet dat hij langzamer is in de sprint en duwde mij dus weg. Als
je de laatste honderd meter ziet, zie je dat ik er niks aan kan doen’, vertelt
een gedesillusioneerde Schmid
aan
Discovery+.
Toch is de Zwitser niet uitgesproken over een mogelijke diskwalificatie van Bouwman.
‘Ik weet het niet zeker, in mijn optiek ging het er echter niet eerlijk aan
toe.’ De tweede plaats is een stevige teleurstelling. ‘Met de tweede plek ben
je eerste verliezer, dus daar ben ik niet blij mee. Ik denk dat ik de benen had
om te winnen, dus ik ben uiteraard teleurgesteld. Ik wil de ploeg bedanken. Vooral
Davide Ballerini, hij heeft zo hard voor mij gewerkt in de eerste honderd
kilometer. Hij maakte het mogelijk om zo’n grote voorsprong te pakken.’