Sam Bennett kende
een uitstekende aanloop naar de
Tour de France, met bijvoorbeeld ook
vier ritzeges in de Vierdaagse van Duinkerke. In
La Grande Boucle loopt het echter nog niet van harte bij de Ier van Decathlon AG2R La Mondiale, die nog niet verder kwam dan een zesde stek. En daar zal hij waarschijnlijk stevig van balen...
In de Leiderstrui sprak aan het begin van de Tour met
Oliver Naesen, met wie we eerder ook al spraken in het Critérium du Dauphiné. Toen
sprak hij al zijn vertrouwen uit in de in België geboren sprintkopman. In de Tour spraken we de goedlachse Vlaming dan weer op dag vier, daags nadat de eerste sprintmogelijkheid zich had voorgedaan en Bennett naar de negende plek spurtte.
'Met mij gaat het goed. De dagen waren lastig en
bovenal warm. Maar bon: dat was voor mij niet zo erg, aangezien het geen
belangrijke dagen voor mij waren. Ik kon die etappes dus op mijn eigen Gran
Fondo-stijl afwerken. Daardoor viel het best mee', stak Oli van wal. 'De eerste sprintetappe ging naar mijn idee ook best goed. Ik
als lanceur zat op kop waar ik op kop wilde zitten. Sam raakte helaas
ingesloten, dus dan is er altijd een beetje teleurstelling.'
'Het feit dat hij veel overschot had, is leuk. Dat hij niet kon sprinten, is kut'
'In die finale wist
ik dat er tegenwind stond', ging de Vlaamse routinier verder over het eerste sprintoptreden van Bennett. 'Daarom hoopte ik bij het uitkomen van de bocht het
op een lint te kunnen trekken, zodat er plaats was. Plaats is immers zo’n
beetje het belangrijkste voor een sprinter. Die wind was echter zo intens dat het toch wat opstopte achter mij. En dan word je van achteren uit overvleugeld
en raak je ingesloten. Sam vertelde me dat hij 200 meter lang niet heeft kunnen
trappen in de sprint. Dat is eigenlijk heel frustrerend.'
Naesen vervolgde: 'Tuurlijk, je kunt
sprints ook aanvatten op een manier dat je de laatste 500 meter helemaal in je
kader hangt. Maar wat wij er uit meenemen, is dat Sam fysiek in orde is en dat
hij overschot genoeg heeft om te sprinten', blikte hij ook alvast vooruit op de daaropvolgende sprints, waarin Bennett - met de kennis van nu - respectievelijk als vijftiende (rit vijf), vierentwintigste (rit zes) en zevenentwintigste (rit acht) finishte. Later zou daar in rit tien nog een zesde stek bij komen, zijn beste resultaat tot nu toe. 'De laatste vijf minuten van een
spurtersetappe is niet niks. Dat is super intens, vooral in de Tour.
Het feit dat hij veel overschot had, is leuk. Het feit dat hij niet kon
sprinten, is kut. Het gevoel hing dus een beetje daartussenin.'
'Sam zal toch in de eerste week een mooi resultaat moeten behalen om zich er mentaal overheen te zetten en met vertrouwen de Tour door te komen', gaf Naesen ons ter afsluiting mee. Na de eerste Tourweek zouden we dus concluderen dat Bennett momenteel met relatief weinig grinta en ietwat teleurgesteld rondrijdt. 'Men zegt altijd dat er acht kansen zijn,
maar ook die zijn zo voorbij... Ik vermoed ook niet dat Sam tevreden is met een
topdrienotering of iets dergelijks. Het is moeilijk te duiden, maar volgens mij
geldt voor hem enkel en alleen de winst.'
Youri van den Berg (Twitter:
@YourivndnBerg)