Tiesj Benoot speelde in de finale een belangrijke rol voor
de klassementskopmannen van Jumbo-Visma. In de lastige finale piloteerde hij
Primoz Roglic en Jonas Vingegaard, die zodoende gespaard bleven van
tijdsverlies, buiten de tien seconden bonificatie die Tadej Pogacar
met zijn ritzege pakte.
Op de steile voorlaatste helling bracht Benoot Vingegaard
naar voren: ‘Normaal blijf ik bij Primoz, maar hij zat aan de linkerkant
vooraan en ik zag Jonas niet. Toen heb ik even op hem gewacht en hem naar voren
gebracht. Ik heb de hele finale vervolgens met hem in het wiel gereden. Beetje geluk
gehad met die val, dat we er net voor zaten, al was het onze eigen verdienste. De
laatste klim draaide ik vooraan op, dat was goed, dus ik hoop dat ze ook geen
tijd verloren hebben’’, vertelt Benoot na afloop aan
Sporza. Vingegaard en
Roglic verloren buiten de bonificaties van Pogacar geen tijd en staan nu
respectievelijk derde en 28ste in het algemene klassement.
Tekst gaat verder onder de foto
Benoot: 'Het zag er even goed uit'
De zesde etappe kende een razendsnel koersverloop en
eindigde bij een uur eerder dan verwacht. ‘Ja het was écht zot; 49 gemiddeld op
een parcours met bijna drieduizend hoogtemeters is enorm’, stelt Benoot. ‘Ik
heb niet vaak van dat soort dagen meegemaakt. Maar als
Wout van Aert vooraan
rijdt, wordt er wel gekoerst natuurlijk’, lacht Benoot.
De zesde etappe zal alvast haar sporen nalaten in de benen
van de renners. ‘Vandaag heeft voor iedereen energie gekost, sowieso. Ik wist
dat de finale heel zwaar was; in 2017 kwamen we er ook aan, maar nu was de
finale lastiger. Als je dan ook zo koerst vanuit de start, ik denk dat we na
twee uren al meer dan honderd kilometer hadden afgelegd. Dat kruipt in de
kleren, het was zeker geen rustdag.’
Over de tactiek om Van Aert in de ontsnapping mee te sturen,
zegt Benoot: ‘We wisten dat het een gevecht zou zijn voor de vlucht, we wilden
niet achter een groep van twintig renners aan rijden. Wout was voor ons dan de
beste man om mee te hebben. Spijtig waren ze maar met zijn drieën. Het zag er
even goed uit, dat alleen Alpecin wilde rijden. Toch gingen er vier à vijf
ploegen rijden. Anders had ik het niet geweten. Het was echt een straf nummer. Alleen
de renners hier weten hoe straf het was om in de ontsnappingen te zitten, en
dan ook nog als gele trui.’
Van Aert geselde het peloton: ‘Maar ook zichzelf hè’,
countert Benoot als afsluiting.
Wynants: 'Gegokt en verloren'
Ook ploegleider Maarten Wynants werd na afloop door Sporza geïnterviewd.
‘Ons aanvankelijke plan was om Wout mee te sturen in een grote groep. Dat leek
te lukken in een groep van twintig. Maar drie was uiteindelijk te weinig. Je rijdt
er dan al ver voor, en dan heeft teruggaan geen zin meer. Het is jammer dat
Fuglsang er de stekker uittrekt, gegokt en verloren.’ Was het controleren van
de rit geen optie? ‘We gingen niet de hele rit op kop hebben gereden’,
antwoordt Wynants.
De ploegleider wil niet spreken over een tegenvallende dag: ‘Mwah,
tegenvaller? We gingen het geel sowieso niet verdedigen. Wout zat voorop en
Primoz en Jonas hebben na de tegenslag van gisteren goed teruggevochten en
zaten waar ze moesten zitten.’