Tiesj Benoot had naar eigen zeggen niet de beste behandeling
in Italië na zijn zware valpartij tijdens een trainingskamp in Livigno. Dat vertelt
de renner in de podcast
Het WK is van ons van
Het Nieuwsblad. Ook blikt de coureur vooruit op het
WK in Australië.
Benoot werd
na zijn valpartij – waarbij hij een nekwervel brak
– aanvankelijk behandeld in een nabij ziekenhuis. Dat beviel hem allesbehalve. ‘Als
je je nek breekt, wil je wel goed verzorgd worden. Ik lag in een kamer met twee
in een te klein bed. Ik lag tot mijn enkels uit het bed. Het was 30 graden in
de kamer. Ze hadden geen geschikte brace, dus ik moest dertig uur plat liggen
met een zachte brace, waarbij eten en drinken heel lastig was. Nadat ik wat
Fanta had gedronken had ik een buikpijn voor een uur’, beschrijft Benoot een onaangename
periode in het ziekenhuis.
De dokters en verpleegkundigen konden geen Engels’, vervolgt
de Belg, wiens verhaal nog erger kan. ‘Die eerste avond plaste ik bloed, dus ik
wilde zeker weten of mijn nieren goed waren.’ In gebrekkig Engels kreeg Benoot
te horen dat ze in de ochtend wel zouden kijken. ‘Het is allemaal goed gekomen,
gelukkig maar. De hechtingen aan mijn heup en elleboog zijn ook slecht gedaan.
Ik heb me daar ook snel laten ontslaan uit het ziekenhuis.’
Benoot: 'Dat heeft ons die dag genekt'
Momenteel gaat het een stuk beter met Benoot, die binnen
afzienbare tijd de conditie weer kan opbouwen. ‘Ik heb 20 september een CT-scan
en ik ga er vanuit dat ik daarna gewoon met de voorbereiding kan starten richting
voorjaar 2023. Eerst zal de focus vooral op mobiliteit liggen en het terugwinnen
van spierkracht. Het zal een langere winter zijn dan gewoonlijk, maar ik train
graag en heb ook een wat langere rustperiode dan normaal gehad.’
Het gesprek gaat verder met een vooruitblik op het WK in
Wollongong. De kopmannen van de Belgische selectie komen ter sprake, als eerste
Wout van Aert. Vorig jaar kon de ploegmaat van Benoot de hooggespannen
verwachtingen in eigen land niet waarmaken. ‘Vorig jaar was hij al heel goed in de
Tour of Britain en de hype in Vlaanderen was op dat moment misschien wel wat te
groot. Hij was ook enig kopman, dat heeft ons die dag denk ik genekt. Nu kan hij
iets rustiger toegroeien naar het WK.’
Van Aert reed recent de GP Quebec en GP Montreal. In de
eerste koers finishte hij als vierde, in de tweede werd hij geklopt door Tadej
Pogacar. ‘Ik denk dat hij in Canada toonde op schema te zitten voor het WK. Ik
denk dat het WK qua parcours tussen Quebec en Montreal inzit. Ik denk dat het ideaal
is dat hij niet heeft gewonnen in de Canadese koersen.’ Benoot legt uit: ‘Stel dat
hij die twee koersen wint, dan is het een
ander verhaal. Ik vind niet dat Slovenië nu tegen België kan zeggen los het
maar op. Hij (Pogacar, red.) heeft hem al geklopt in de sprint in Montreal.’
Mogelijk was Van Aert ook bewust nog niet helemaal top in Canada. ‘Het is geen
geheim dat het WK zijn grote doel is en ik kan me wel inbeelden dat hij heel
hard getraind heeft deze periode, en dat hij dus niet helemaal fris was in de recente
koersen’, aldus Benoot.
Benoot: 'Ik reed 465 watt voor twaalf minuten'
Dat België dit jaar met twee kopmannen (Van Aert, Evenepoel)
start is volgens Benoot een verstandige keuze. ‘Remco heeft dit jaar meer dan
bewezen het kopmanschap waard te zijn. Ik denk dat het Wout zijn kansen ook
groter maakt. Je moet niet alle eieren in één mandje leggen.’ Over de tactiek
zegt Benoot: ‘Ik denk dat de ploeg er een lastige wedstrijd van moet maken.
Daarbij gedijen zowel Wout als Remco beter. Remco zal vooral eerder moeten
aanvallen, waar Wout wacht op de sprint. Het wordt lastig voor hem, als je net
een carrière-doel (winnen Vuelta, red.) hebt bereikt om dan die focus nog twee
weken aan te houden… Remco heeft ons echter al vaak verrast.’
Ook de eindzege in de Vuelta a España van Evenepoel komt ter
sprake. Voor Benoot kwam het niet als een verrassing. ‘Ik reed in San Sebastian
echt hoge waarde vermogens, waar ik trots op kan zijn. Op de Erlaitz (4 km
aan tien procent) reed ik 465 watt voor twaalf minuten, maar Remco reed 45
seconden weg van mij. Ik was daar zelf beter dan renners als Sivakov en
Rodriguez (Pavel en Carlos, red.). Hij ging daarna nog twee weken op trainingskamp.
Vroeger deed hij dan wat te veel, maar nu trok hij het door. Ik zei tegen
mensen: hij gaat de eerste week vliegen en daarna de tijdrit winnen. Ik dacht
dat hij misschien nog een slechte dag zou hebben, maar die heeft hij niet gehad.’