Ramon Sinkeldam stapte afgelopen winter een nieuwe wereld in. De 34-jarige Nederlander reed vijf seizoenen voor Groupama-FDJ, maar koos voor een avontuur bij Alpecin-Deceuninck. In de ploeg van Mathieu van der Poel is de rol van Sinkeldam misschien iets minder prominent, maar daarmee niet minder belangrijk.
In de Leiderstrui sprak in Dwars door Vlaanderen met hem.
Sinds je overstap hebben we je niet zoveel meer aan het
woord gehoord. Hoe gaat het met je?
‘Goed. Ik heb een redelijk rustig programma, met de UAE Tour
en een pittige Tirreno, maar weinig klassiekers. Straks start de voorbereiding
op de Giro, dus het is rustig in het voorjaar.’
Hoe is de overstap bevallen?
‘Heel goed. Natuurlijk heb je bij een nieuwe ploeg nieuwe
mensen om je heen, dus dat is wel even wennen, maar ik voel me wel op mijn
plek. Het is een heel professionele en gestructureerde ploeg, dus daar ga ik
wel goed op.’
Wat is precies jouw rol bij Alpecin? Bij Groupama zagen
we je natuurlijk vaak tot laat in de lead-out…
‘Daar was ik ook wel vaak op één na laatst aan de beurt
hoor. Ik ben hier in principe wel voor de sprints naartoe gekomen, in de Giro
gaan we met Kaden Groves ook met een sterke spurter aan de slag. Dat is wel
echt mijn rol. Verder ben ik de oudste hier, met veel ervaring, dus ik kan die
jongens hier wel wat proberen mee te geven. Uiteindelijk ben ik hier niet om te
winnen, zo eerlijk moeten we zijn.’
Tekst gaat verder onder de foto.
Sinkeldam reed jaren voor Groupama-FDJ
Nu reed je in de Tirreno in de sprints voor Jasper
Philipsen, maar was er vooral het verhaal rond Mathieu van der Poel, die daar
nog niet super oogde en dat ook uitsprak. Een week later won hij prompt
Milaan-Sanremo. Heb jij in de Tirreno stiekem al gezien dat Van der Poel gewoon
goed was?
‘Ja, en dat heb ik hem ook gezegd.’
Waar zag je dat dan aan? Ben je dan gewoon naar hem toe
gelopen?
‘Het is niet dat hij door mij het vertrouwen heeft gekregen,
helemaal niet. Maar we zijn wel ploeggenoten en ik denk wel dat hij iets van
mij aanneemt, als ik dat normaal tegen hem zeg. Uiteindelijk zijn het de kleine
dingetjes die het verschil maken en Mathieu heeft in de week richting
Milaan-Sanremo rustig aan gedaan, heeft goed gegeten en is zo vol energie
daarheen gegaan. Dan moet je twee klimmetjes overleven en dan zit hij mee en
wint hij. Dat is heel iets anders dan iedere dag 200 kilometer rijden in de
Tirreno. Ik ben uiteindelijk niet degene die hem dat heeft moeten vertellen,
want dat weet hij zelf ook wel. Maar ik heb de afgelopen jaren wel het één en
ander gezien en heb ervaring opgedaan die ik kan overbrengen.’
Je zag Alpecin-Deceuninck de laatste jaren van de
buitenkant en je zei bij de aankondiging van je transfer dat je super blij was met deze kans. Wat is het verschil in dynamiek tussen Groupama en Alpecin? ‘Je merkt wel dat het allemaal jonge gasten zijn en hoewel
we vorig jaar ook wel jonge gasten hadden, zat ik wel veel in een groepje met
Arnaud (Démare, red.), Jacopo (Guarnieri, red.) en Konovalovas. Dat zijn
ervaren jongens, dus dan is de dynamiek ook anders.’
Waar moet ik dan aan denken? Doe je dan andere dingen als
je met elkaar op de hotelkamer ligt?
‘Nee, niet per se. Maar ik heb twee kinderen thuis en zij
moeten daar nog niet aan denken. Dat is al een belangrijk verschil in
levensstijl. Onder elkaar zijn we allemaal leuke jongens, dus dat bevalt goed.’
Zijn mannen als Jasper Philipsen en Van der Poel zoals je
van buitenaf verwacht had?
‘Ja, zeker. Je kent die jongens pas echt goed als je er
een week 24/7 mee optrekt. Het zijn superleuke jongens, het klikt supergoed.’
Kun je die gasten nog iets leren met jouw ervaring?
‘Nou, niet iets specifieks, maar wel allemaal kleine
dingetjes. Als Mathieu in de Tirreno op zijn kloten krijgt en op vijftig
kilometer van de streep gelost wordt, dan kan ik dat redelijk relativeren.
Hijzelf ook, maar het is wel fijn als je dat aan tafel met elkaar kan delen,
dat je niet bij de pakken neer gaat zitten. Dat wil niet zeggen dat ik een rol
heb in zijn overwinning in Sanremo, helemaal niet. Ik vertel hem wel dat je
dingen wel los van elkaar kan zien. Je moet niet te zwaar tillen aan
levenservaring, maar als je thuis twee kinderen hebt, spelen er andere dingen
dan bij die gasten die de hele dag op de bank liggen.’