Het overlijden van Lieuwe Westra dreunt door de wielerwereld. De sterke tijdrijder,
het beest uit Friesland, is niet meer. Tragisch nieuws voor de een, tragisch
nieuws maar geen verrassing voor de ander. Dat hij een extreem leven leidde was
alom bekend. Toch is er een periode geweest waarin relatieve rust over hem neerdaalde,
in de tijd dat hij het fietshotel Casa Ciclismo runde in Calpe. In die contreien
heb ik Lieuwe leren kennen, op en naast de fiets, als mens. Een terugblik op
april 2021, toen de zon scheen voor
Lieuwe Westra, en hij deze ook voor anderen
liet schijnen.
‘Maatje, het
gaat niet zo lekker. Ik wil er even tussenuit.’
‘Goed idee, om
van die mentale klappen af te komen?’
‘Ja, ik ga een
maandje naar Spanje, naar
Lieuwe Westra. Die heeft een nieuwe fiets-B&B in
Calpe. Rust pakken, zon pakken en fietsen.’
‘Klinkt goed
man, zal je goed doen!’
‘Ik hoop het.
Wil je mee?’
Ik had
tenslotte een tussenjaar. Dus waarom niet? Ik kende
Lieuwe Westra alleen van de
televisie. Van zijn indrukwekkende overwinningen in Mende tijdens Parijs-Nice,
of op Finhaut-Emosson in de Dauphiné. Maar ik wist dat Julian, een studievriend die mede door de hectiek van de coronaperiode al een tijdje niet
lekker in zijn vel zat, goede banden had met hem. Ik besloot contact op te
nemen met Lieuwe en nog dezelfde dag boekte ik mijn reis. Ik kon gerust bij
mijn maatje intrekken. Het werden twee weken vol mooie ervaringen en avonturen.
35 minuten
De taxirit
vanaf het vliegveld van Alicante, die Lieuwe altijd zelf voor zijn gasten
verzorgde, duurde volgens Google Maps iets meer dan een uur. Niet in Lieuwes
wereld. Binnen 35 minuten waren we al bij Casa Ciclismo aangekomen. De blonde
Fries, uitgedost met onder andere een oud, zwart Astanapetje, kachelde met 160
kilometer per uur langs de kustsnelweg richting het noorden. Niet wetende dat
hij de dag ervoor als een bezetene halve liters had zitten drinken, samen met Julian,
vroeg ik hem af en toe het tempo iets te matigen in de bochten.
‘Prima’, was
zijn even korte als heldere antwoord. Zelf had hij nergens last van, zijn
feestkompaan van gisteren voerde op de bijrijdersstoel een verhit gevecht tegen
de kater. Eenmaal op het appartementencomplex stonden onze racefietsen al
klaar. We werden geacht direct de bergen in te trekken. Om te beginnen met La
Fustera, de klim naar het gelijknamige bergdorpje die bij iedere rit die Lieuwe
maakte, de eerste horde vormde. ‘Ik tel hem al niet meer mee, maar die is
lekker om in te komen.’ Iedere keer als we die twee weken La Fustera beklommen,
was ik hartstikke bekaf.
Toeristische route
De formule was
simpel: Lieuwes vrouw Ingrid regelde alle zaken rondom het fietshotel, Lieuwe
zelf nam de gasten mee in de wijde omgeving. Langs mooie stranden, de
populairste beklimmingen van het fietswalhalla dat Calpe en omgeving is, en
pittoreske bergdorpjes. Zodoende had ik binnen een krappe week alle
hoogtepunten gezien en alle fraaie rondes in de omgeving gereden. Soms vrolijk
babbelend op de fiets, veel vaker nog puffend en hijgend in het wiel van de nog
steeds beresterke en goed getrainde Fries.
Ik herinner me
een lange, slopende dag in het zadel, die koers zette richting de bekende
Puerto de Tudons. Deze twintig kilometer lange klim reden we op met een man of
acht. Slechts twee vrienden uit de buurt konden Lieuwe bijhouden. Als de
voormalig prof dan eenmaal het bordje van de top in zicht had, kon hij het toch
niet laten om de rest tot beginnelingen te degraderen. Met een grote grijns
wachtte hij op de top. Op de vraag of Julian en ik nog puf hadden in de
tweetrapsraket naar de Puerto de Confrides, konden wij in gedachten maar één
antwoord formuleren: we moesten immers een keer thuis komen. Lieuwe at die dag
één banaan, waar de rest zichzelf onophoudelijk volpropte met allerlei zoete
meuk.
In de afdaling
van de Tudons maande Lieuwe iedereen tot stoppen. ‘Kom, we nemen de
toeristische route, door het dorpje hierzo, linksaf.’ Braaf trok iedereen in
een lint achter de grote kapitein aan. Echter, het weggetje, bestaande uit
enorme klinkers, zat vol schier onneembare bochten en andere obstakels. Ineens
vloog ik over mijn stuur heen de straat op. Ik was in een enorme gleuf van een
rooster gereden. Band lek, stuur scheef. Toen ik, met behulp van Lieuwes
fietsmaten uit Calpe, probeerde de band te repareren met de in het zadeltasje
aanwezige apparatuur, wendde een van hen zich vol verbazing tot de ex-prof:
‘Man! Dit is mountainbikespul! kan je niks mee!’ Lieuwe, die langzaam leek te
beseffen dat hij in een verstrooide bui de verkeerde spullen in het tasje had
gedaan, kon er wel om lachen.
Strijkijzer
Het was niet
dat de profwereld Lieuwe niets meer kon schelen. Integendeel. Hij volgde en
keek alles. Zo stond hij voor onze deur na een zinderende ontknoping in de
Ronde van het Baskenland. ‘Poah, heb je dat gezien, jongen!’ Hij betitelde op geheel
eigen wijze de groei die het vrouwenwielrennen doormaakte: ‘Die gaan ook steeds
harder, eh. Die duiffies.’ Zelden heb ik iemand zo verbaasd naar een
koersontknoping zien kijken als Lieuwe naar die van de Ronde van Vlaanderen.
Deze werd gewonnen werd door Kasper Asgreen, de Deen die Mathieu van der Poel
in de sprint versloeg. Tierend zat hij voor zijn immense tv. ‘Hoe kan 'ie nou
verliezen, in de sprint, van dat strijkijzer? Pfff..’
Op en ook naast
de fiets mijmerde Lieuwe iedere dag over zijn wielerverleden en dat van
anderen. Dat leverde mooie verhalen op, over zijn avonturen uit met name de
Astanaperiode. Hij sprak lovend, soms minder lovend over collega’s, over
ex-coureurs en renners die er niet meer waren, zoals Michele Scarponi. Hij stak
zijn mening niet onder stoelen of banken over het huidige peloton, wie hij
bewonderde en wie ook vooral niet. Tijdens rustigere trainingsritjes, die hij
doorgaans betitelde als ‘easy ride’ of ‘actieve rust’, boeide hij de
andere fietsers met deze verhalen en ervaringen.
Hechte gemeenschap
Toch was hij
ook in die periode al onrustig. Hij sliep grillig en dronk zeker zes bakken
koffie om ’s morgens aan energie te komen, om deze vervolgens aan het begin van
de ritjes vaak in meerdere etappes weer uit te plassen. Hij had soms zichtbaar
spanningen met zijn vrouw. De alcohol was, ondanks dat hij sinds 1 januari 2021
nuchter was geweest, toch bij een kleine tegenslag weer een vluchtweg. Hij was
rustig, vriendelijk en een sfeermaker, zolang hij maar mensen om zich heen had.
Op die momenten was Lieuwe een lieve man, met mooie verhalen en interesse in zijn
metgezellen. Een hechte gemeenschap, dat had hij absoluut nodig.
Op de momenten
dat deze mensen er waren, vormde Casa Ciclismo een soort familie van
gelijkgezinde sporters, op zoek naar een relaxte vorm van inspanning. Met
amateurs, zoals Julian en ik, maar ook met professionals. Zo kwamen er veel
vrouwen uit het profpeloton met Lieuwe trainen, en bivakkeerde ook schaatser
Aron Romeijn een tijd in Calpe. Zij kwamen allemaal speciaal voor Lieuwe, en
Lieuwe gaf zich volledig over aan hen. Dan was hij zichtbaar gelukkig, rustig,
amicaal en op zijn gemak.
Het eerste duimpje
Na ons Spaanse
bezoek brak tussen Julian en mij een periode van nog hechtere vriendschap aan.
We stelden, mede door onze Spaanse ervaringen, grote sportieve doelen op. Zo
reden we op de langste dag van Maastricht naar Groningen. Lieuwe klapte vanuit
Spanje voor ons. Standaard was hij de eerste met een duimpje na een mooie
fietsprestatie. Dat was een bewijs dat hij iedereen koesterde die bij hem was
langs geweest en dat hij geïnteresseerd bleef in zijn gasten. Andersom bleven
wij de avonturen van Lieuwe volgen. Tot hij afgelopen zomer voor de laatste
keer iets uploadde op Strava. Een persoonlijk record, op La Fustera. Hoe kon
het ook anders. Trots meldde hij het in de ondertitel, competitief als hij nog
altijd was.
Van grote
afstand kreeg ik in flarden mee hoe het steeds minder met hem ging. Het nieuws
van zijn overlijden was dan misschien geen enorme verrassing, niettemin was het
enorm schrikken, zo relatief kort na april 2021. Als gast bij de gestopte
sportman heb ik me enorm thuis gevoeld. Zeker voor mijn fietsvriend Julian is
hij goud waard geweest. Niet door lange, ingewikkelde gesprekken. Maar gewoon,
door even te peilen hoe het met iemand ging, en waar iemand behoefte aan had.
Dat was zijn grote kracht. Toen de zon scheen voor
Lieuwe Westra, liet hij deze
ook voor anderen schijnen. Die eigenschap hoort bij de mens die hij was en mag
nimmer vergeten, en zeker niet onderschat worden.
Rust zacht,
Lieuwe. Op een easy ride, daar boven.