Wout van Aert heeft bevestigd dat hij zondag in eerste
instantie in een dienende rol van start zal gaan in
Parijs-Roubaix. Toch houdt de
klassiekerkopman van Jumbo-Visma stiekem de hoop dat hij een resultaat kan rijden.
‘Het blijft een koers die je moeilijk kan voorspellen, ook renners in een
dienende rol zijn al ver in deze wedstrijd gekomen.’
Donderdag werd bekend dat Van Aert toch zal starten in
Parijs-Roubaix, daar hij door een coronabesmetting eerder de Ronde van Vlaanderen
en de Amstel Gold Race moest missen. Naast het missen van de koersen miste Van
Aert ook trainingsdagen. Een voorzorgsmaatregel van Jumbo-Visma is namelijk dat
renners na een Covid-besmetting zes dagen volledige rust nemen. Het is dus de
vraag met wat voor niveau Van Aert aan de start zal staan van de
Helleklassieker.
Van Aert: 'Ik weet dat het niet realistisch is'
‘Ik ben zeker niet op het niveau dat ik voor de Ronde van
Vlaanderen had’, vertelt Van Aert in een
filmpje van Jumbo-Visma. De alleskunner
heeft dus de nodige vraagtekens voor de Franse klassieker. ‘Ja toch wel. Het is
een supermooie koers en ik ben iemand die altijd voor de overwinning wil koersen.
De keuze om toch te koersen – ook al is het niet in de best mogelijk conditie –
is toch om niet alles te missen. Het is met die insteek dat ik start en dat
geeft toch veel twijfels. Je hoopt wel op die benen, maar ik weet dat het niet realistisch
is.’
Van Aert pakte recent de training weer op en was zelfs tijdelijk
naar het Spaanse Calpe getrokken om in goede omstandigheden te kunnen trainen. ‘Ik
heb de laatste dagen wel wat intensiever kunnen trainen. Daar reageerde ik wel
goed op, maar alles wat je met die eerste inactieve dagen hebt weggeveegd, kan
je niet zomaar herstellen. Ik zal wat minder zijn; het is lastig te zeggen hoeveel’,
aldus Van Aert.
'In een zetel naar de Ronde van Vlaanderen en de Amstel kijken is het helemaal niet'
- Wout van AertVan Aert bevestigt dan ook grotendeels de woorden die
sportief directeur Merijn Zeeman eerder uitte. Zeeman stelde dat als Van Aert zou
starten hij dat als helper zou doen. Ploegleider Grischa Niermann zag
daarentegen ook mogelijkheden voor een vrije rol. ‘Mijn rol zal anders zijn dan
normaal’, zegt Van Aert. ‘We gaan proberen met meer mannen in de finale te
geraken. Normaal ben ik dan diegene die zich het langst kan sparen. Ik hoop dat
dat dit jaar anders zal zijn, en dan bedoel ik: dat ik ergens in de finale geraak
en van steun kan zijn voor Christophe en Nathan of Mike (Laporte, Van Hooydonck,
Teunissen red.). Uiteraard hoop ik niet in het begin op kop te rijden omdat ik
me zo slecht voel. Ik denk echter dat als ik me oké voel ik wel in de finale kan
komen en dan de jongens kan ondersteunen.’
‘Dat is het idee’, gaat Van Aert verder, al blijft hij
toch hopen houden op een mooie uitslag. ‘Het blijft een koers die je moeilijk
kan voorspellen, ook renners in een dienende rol zijn al ver in deze koers
gekomen. Ik hoop daar stiekem op. Maar ik begin met die insteek (in
ondersteunende rol, red.)’ Van Aert in een dienende rol; het blijft vreemd
klinken. ‘Voor mij ook, maar in een zetel naar de Ronde van Vlaanderen en de
Amstel kijken is het helemaal niet. Ik ben gewoon heel blij dat ik er bij kan
zijn, ook al is het met mindere benen. Het zou me slechter doen als ik ook dit
moest laten varen’, eindigt Van Aert.